Slavernij en vernieling Amazone voor autoindustrie
 

25 mei 2013

Slavernij en vernieling Amazone voor autoindustrie

2012-05-20 | Bron: iNSnet |
Op 15 mei 2012 publiceerde Greenpeace het rapport 'Driving Destruction in the Amazon’ dat onthult dat grote hoeveelheden bomen uit beschermde gebieden van het Amazoneregenwoud worden verbrand tot houtskool voor de productie van ruwijzer. Dit ruwe ijzer is de grondstof voor staal. Het ruwe ijzer wordt geëxporteerd naar de VS waar het omgesmolten wordt tot staal en wordt gekocht en gebruikt door de grootste autofabrikanten in de wereld. Grote automerken zoals BMW, Ford en Mercedes zijn mee verantwoordelijk voor de teloorgang van het Amazonewoud via het ruwijzer dat ze inkopen, stelt milieuorganisatie Greenpeace in een nieuw rapport.

Moderne slavernij
Brazilië is een grote exporteur van ruwijzer, een belangrijk ingrediënt voor staal. Maar voor de productie van dat ruwijzer worden grote hoeveelheden houtskool gebruikt. Uit rapporten van onder meer de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en de Amerikaanse overheid is ook al gebleken dat die houtskoolproductie in het land gepaard gaat met mensenrechtenschendingen en illegale houtkap. Volgens de ILO werken zo'n veertigduizend arbeiders in slavernij in de industrie. De houtskoolproductie verwoest het leefgebied van inheemse volken in de Amazone. De kampen waar de houtskool gemaakt wordt, liggen diep verscholen in het Amazone regenwoud. Daar werken arbeiders in bijzonder moeilijke omstandigheden als moderne slaven. De onthullingen in het rapport stellen opnieuw vragen bij de betrokkenheid van President Dilma Roussef bij de bescherming van de Amazone.

Ford, BMW, Mercedes en Nissan
Op basis van douanerapporten heeft Greenpeace nu de link gelegd tussen twee grote exporteurs van het ruwijzer uit Brazilië, Viena en Sidepar, en grote merken in de auto-industrie, zoals Ford, BMW, Mercedes en Nissan. "Door dit staal te kopen, helpen die bekende merken om het Amazonewoud te vernielen", zegt Paulo Adario van Greenpeace in de Britse krant The Guardian. Het is niet de eerste keer dat de auto-industrie in verband gebracht wordt met de controversiële houtskoolproductie. In 2006 bracht het financiële persagentschap Bloomberg al een link aan het licht tussen Amerikaanse autofabrikanten en slavernij in houtskoolkampen. Ook toen vielen de namen van merken als Ford, GM en Nissan. Maar ondanks beloftes van de fabrikanten blijven ze bij dezelfde leveranciers kopen, zegt Greenpeace. Autofabrikanten als GM en BMW hebben al gereageerd en zeggen strikte standaarden te hanteren bij de keuze van hun leveranciers, maar dat het moeilijk is om de hele keten te controleren. Ford zegt samen te werken met de Braziliaanse overheid en de ILO om de toeleveranciers bewust te maken rond werkomstandigheden.
 
Cyclus van verwoesting Amazone
Greenpeace wil dat de cyclus van verwoesting stopt die begint in de Amazone en eindigt in auto showrooms overal ter wereld. Greenpeace roept de Braziliaanse President Dilma op deze praktijken te stoppen, leiderschap te tonen en de bescherming van de Amazone veilig te stellen. Als Brazilië een serieus genomen wil worden als gastland van de komende Earth Summit in juni zal president Dilma de nieuwe boswet moeten tegenhouden en in plaats daarvan kiezen voor zero deforestation.

Vastgeketend

Al meer dan 48 uur hangt een 20-jarige Elissima de Oliveira Menesez van Greenpeace vastgeketend aan de ankerketting van het schip de Clipper Hope voor de kust van de Braziliaanse havenstad Sao Luis. Greenpeace wil zo voorkomen dat het schip de haven in kan varen om ruw ijzer (pig iron) te laden met als bestemming de Verenigde Staten.

Bronnen:
Rapport Greenpeace
IPSnews
Reacties: 0 | reageer