Norm aantal dieren in megastal veel te hoog
 

19 mei 2013

Norm aantal dieren in megastal veel te hoog

2012-06-06 | Bron: iNSnet |
Staatssecretaris Henk Bleker (Landbouw) wil voortaan per diersoort afspreken hoeveel er hooguit op een bedrijfslocatie mogen worden gehouden. Bleker meldt dat hij hooguit 175.000 leghennen, 240.000 vleeskuikens, 500 melkkoeien, 2000 zeugen of 10.000 vleesvarkens op een veebedrijf wil zien.

Convenanten

Verder denkt hij aan een maximum van 2000 melkgeiten en vleeskalveren op een bedrijf. Het is niet duidelijk of deze aantallen terechtkomen in een wetsvoorstel waaraan hij al geruime tijd werkt. Bleker onderzoekt nu namelijk of dit soort bepalingen ook kan worden opgenomen in convenanten tussen landbouworganisatie LTO, provincies (IPO) en gemeenten (VNG).

Megastallen
De bewindsman gaf eerder al de boodschap af dat hij vindt dat er in Nederland geen ruimte is voor extreem grote veebedrijven, zogeheten megastallen. Door per bedrijfslocatie te bepalen hoeveel dieren er hooguit mogen worden gehouden, denkt hij ongewenste ,,uitwassen'' te voorkomen. Wel wil hij ervoor zorgen dat familiebedrijven nog wel kunnen groeien en een goede boterham kunnen verdienen.

Te hoog
De komende maanden wil Bleker in discussie over zijn voorstel met onder meer de Tweede Kamer. GroenLinks is blij dat Bleker een bovengrens gaat stellen aan het aantal dieren dat op een bedrijf mag worden gehouden. Maar Kamerlid Rik Grashoff vindt de toegestane aantallen veel te hoog. Hij wil ook dat gemeenten en provincies aanvullende eisen kunnen stellen voor dierenwelzijn. Ook Marianne Thieme (Partij voor de Dieren) vindt de aantallen te hoog. ,,Hoe kan 1 boer nou goede zorg geven aan 175.000 kippen? Dat zijn nog steeds enorme hoeveelheden dieren. Bleker neemt zo zeker niet de zorgen weg die mensen hebben over ziektes op bedrijven met veel dieren.''

Bezwaren
Milieudefensie deelt de bezwaren. ,,500 melkkoeien, 10.000 vleesvarkens en 240.000 vleeskuikens. Dat is zes keer het gemiddelde aantal koeien op een Nederlands melkveebedrijf'', aldus Klaas Breunissen, campagneleider duurzaam voedsel bij Milieudefensie. “Door de maximum norm zo hoog te leggen laat Bleker de weg open voor enorme schaalvergroting, met alle negatieve gevolgen van dien.” De norm voor het maximum aantal dieren moet op de gangbare Alterra-norm voor megastallen liggen en landelijk worden ingevoerd..

Alterra-norm: 250 koeien
Milieudefensie pleit er voor, de norm voor het maximum aantal dieren op de gangbare Alterra-norm voor megastallen te leggen en landelijk in te voeren. De norm die kennisinstituut Alterra noemt als definitie van een megastal is 250 melkkoeien, 7500 vleesvarkens of 220.000 vleeskuikens. Breunissen: “Er is geen maatschappelijk draagvlak voor megastallen, het is dan ook vreemd dat Bleker in zijn plannen megastallen gewoon toe blijft staan, terwijl het behouden van maatschappelijk draagvlak voor de veehouderij zijn belangrijkste reden is om een maximumgrens te stellen.”

Bezwaren Wakker Dier
Positief is dat paal en perk wordt gesteld aan de ongebreidelde schaalvergroting van de laatste decennia. Hierdoor zullen boeren zich meer gaan richten op kwaliteit in plaats van kwantiteit en dat is goed voor ons vee.  Maar voor koeien betekent de 'Bleker-grens' dat nog steeds een stal gebouwd kan worden van grofweg zes keer de grootte van een normaal gezinsbedrijf. Stallen met dergelijke aantallen, laten hun koeien vrijwel nooit meer in de wei lopen. Plofkipstallen kunnen nog drie keer groter worden dan de gangbare stallen, terwijl daar nu al zoveel maatschappelijke kritiek op is.

Overgangsrecht onduidelijk
Ook over het overgangsrecht zegt Bleker niets. Wat betekent zijn voorstel voor de tientallen bedrijven die al boven deze grens zitten? Kan de eerste gigastal van Nederland (in oprichting in Grubbenvorst voor 35.000 varkens en 1.1 miljoen plofkippen) nog snel de stal afbouwen voor de wetgeving ingaat? Daarnaast betekenen deze regels nog niet dat dieren het hierdoor per definitie beter krijgen; ook betere welzijnsregels zijn hard nodig om de door de Staatssecretaris erkende overschrijding van maatschappelijke grenzen door de veesector aan te pakken.

Wet of convenant?
Bleker maakt nog niet duidelijk of hij de norm gaat vastleggen in een wet of in een convenant met provincies en land - en tuinbouworganisaties. Milieudefensie is bang dat in het laatste geval inzet van de norm erg vrijblijvend is en pleit daarom voor landelijke wetgeving. Breunissen: “Bleker krabbelt steeds verder terug, uiteindelijk legt hij schaalvergroting geen strobreed in de weg. Als hij echt grenzen aan de groei wil moet het maximum aantal toegestane dieren omlaag en moet de norm landelijk worden ingevoerd.” Milieudefensie voert campagne voor een landelijk verbod op megastallen.

Meer informatie:
Milieudefensie
Wakker dier
Rijksoverheid, brief aan Tweede Kamer
Reacties: 1 | reageer
Rinie van der Zanden schreef op 06-06-2012:

Convenanten die op diverse terrein van de agrarische sector worden opgesteld, staan geduldig op papier, maar ze zijn er niet om zich er ook werkelijk aan te houden. Het zijn luchtballonnen. Eindelijk weten we dat convenanten in werkelijkheid luchtballonnen zijn. Egbert Dijkgraaf van de SGP maakte er melding van in de kamer. Maar de heer Bleker en de heer Koopmans willen gewoon weer een nieuwe ballon oplaten. 

Die hele megastallendiscussie was een luchtballon. Het gaat gewoon zoals de LTO, pardon CDA en helaas ook VVD wil. Daarmee vinden zij het temidden van alle bezuinigingen die nodig zijn nog steeds wel best dat er bijvoorbeeld in Friesland een kalvermesterij is die jaarlijks en ook weer in 2011 € 358.000 inkomenssteun ontving en dit jaar vast en zeker weer. En nog negen andere Friese boerenbedrijven met megastallen met koeien kregen bedragen varierend van €159.000-€ 290.000. Zo stond te lezen in de Leeuwarder Courant. In andere procvincies is het niet anders. De grootste bedrijven krijgen de meeste "steun. 80% van alle Europese subsidies in de landbouw gaat naar 20% van de boeren. En het wrange is dat Nederlandse boeren het op kostprijs altijd zullen afleggen tegen welk buitenland dan ook. Vanaf het moment dat de grondgebonden productie wordt losgelaten en daarmee de gesloten kringloop doorbroken, ontstaat er een afhankelijkheid van veevoer van elders. En die veevoermarkt is een grillige markt. Als Brazilie nog eens besluit geen soja meer te leveren aan Nederland, omdat zij hoge importheffingen moeten betalen om het Braziliaanse vlees in Nederland te slijten, dan lijden Nederlandse varkens honger. Het gemeenschapelijk Landbouwbeleid en de EUsubsidies zijn ooit door Sicco Mansholt c.s. in het leven geroepen om niet meer afhankelijk te zijn van import van voedsel, maar juist het handhaven van die subisies heeft ertoe geleid dat er grootschaligheid kwam en afhankelijkheid van andere landen.



| reageer |