Over het belang van een heroriëntatie op de niet zichtbare aspecten van duurzame ontwikkeling.
Zeker nu de klimaatconferentie in Kopenhagen in volle gang is, verschijnen er vele beelden op tv en berichten in de krant over wat er anders moet en hoe. Er is hoop op een akkoord en tegelijkertijd blijft de vraag of het voldoende zal zijn. Als je het de milieuactivisten van vandaag vraagt, zullen zij zeggen dat de veranderingen die zo nodig zijn veel te langzaam en moeizaam van de grond komen. Er liggen voldoende alarmerende feiten op tafel en ons gedrag verandert niet of nauwelijks. Hoe komt dat toch?Hoewel er veel meer inzicht is over de aard van de problemen en de kennis over mogelijke oplossingen, zijn de misverstanden over duurzame ontwikkeling nog evengoed aanwezig. Alsof emissiehandel ons gaat redden. Het zal nooit werken als men dezelfde houding en vooronderstellingen blijft hanteren als die waarmee nu handel wordt gedreven. Misschien lossen we één probleem op, maar reken erop dat er een nieuw probleem ontstaat. Verder is het heel goed om van overheidswege in te grijpen en paal en perk te stellen aan de excessen. Het blijven echter oplossingen voor de korte termijn, omdat nooit alles te controleren valt.
Op de langere termijn gaan we het met de huidige eenzijdige discussie niet redden. Duurzame ontwikkeling gaat nog te veel over de uiterlijke kant van de zaak. Het gaat over wat er mondiaal misgaat en over wat we daar aan zouden kunnen doen. Het gaat maar weinig over de achterliggende oorzaken. Over: Waarom? Wie niet dit soort vragen stelt loopt het risico vooral de symptomen te bestrijden. We zullen, ook al zijn we dat niet gewend, ook met elkaar in gesprek moeten over onze attitude, over wat ons drijft. We zullen moeten nadenken over wat alle berichtgeving met ons doet en hoe je je als individu wil verhouden tot de vraagstukken van vandaag.
Wie goed kijkt en luistert, kan de eenzijdigheid van de discussie ontdekken. In een onderzoek naar een rondetafelconferentie over duurzame elektromotoren, bleek hoe simpel is aan te tonen dat met name de innerlijke en individuele kant van de problematiek onderbelicht blijft. Op de vraag wat duurzame ontwikkeling inhoudt is het voor een groep niet zo moeilijk om de mondiale problemen te benoemen. Het koper raakt op en we gooien productonderdelen die nog goed zijn weg. Ook worden nog wel opmerkingen gemaakt over minder tastbare zaken als de graaicultuur en het gebrek aan rentmeesterschap. Verder bleek in de sessies ook eenvoudig om ideeën te genereren over hoe het anders zou kunnen. Maar een discussie over hoe je je als individu bijvoorbeeld tot deze collectieve cultuur en systemen wil verhouden, komt niet zo snel aan de orde.
Waarom is het zo belangrijk om meer te praten over de cultuur en vooronderstellingen waarmee wij leven en de persoonlijke dilemma’s waar we tegenaan lopen nu de aarde in crisis verkeerd? Simpelweg omdat de feiten allang bekend zijn en we toch maar niet in beweging komen. Kijken naar die kant van de zaak is lastig. Enerzijds komt dit omdat we het niet gewend zijn. Maar niet alleen een gebrek aan vaardigheid en routine zijn aan de orde. Er is ook sprake van een angstvallig afhouden van deze discussie. Wie serieus kijkt naar wat het je doet, moet bereid zijn om zijn of haar ongemak en machteloosheid, egoïsme en agressie onder ogen te zien. Wat maakt het zo lastig de verantwoordelijkheid te nemen voor de problemen die wij hebben gecreëerd en waar ontwikkelingslanden de rekening van krijgen? Hoeveel moed is er voor nodig om als (regerings-)leider maatregelen te nemen die je voor nu niet in dank worden afgenomen?
We hebben ons als mensheid o.a. technisch vlak, organisatorisch, materieel, sterk ontwikkeld. Daarmee hebben we een krachtig instrument in handen. We zijn alleen vergeten om ons als persoon te ontwikkelen. Wat een instrument kan zijn wordt daarmee een wapen. Gewoon omdat we niet in staat zijn er verstandig mee om te gaan.
Sietske Smulders-Dane