like duurzaamnieuws op facebook
volg duurzaamnieuws op twitter
zoeken op duurzaamnieuws

Vervang bijstook biomassa door wind op zee en bespaar 1 miljard euro

Van: op 19 juli 2016

siemenswindInvesteren in een pakket met wind op zee, zon en biowarmte is bijna 1 miljard euro goedkoper dan biomassa bijstook in kolencentrales. Dit blijkt uit  onderzoek van CE Delft, in opdracht van Natuur & Milieu en Eneco. Aanleiding van de studie is de vorige week bekendgemaakte Borssele tender die het goedkoopste windpark ter wereld bleek te zijn.

Het voordeel van bijna 1 miljard euro (940 miljoen euro) komt doordat uit de nieuwe Borssele tender blijkt dat wind op zee 7,3 cent kost per kWh, terwijl het meestoken van biomassa in nieuwe kolencentrales 11,4 cent kost per kWh volgens subsidieregeling (SDE+).  Daarnaast levert het pakket met wind op zee drie keer zoveel banen op en zorgt het voor een lagere energierekening voor consumenten.

 

Van 400 miljoen naar 1 miljard

Eerder onderzoek toonde al aan dat dit pakket met wind op zee 400 miljoen euro goedkoper was dan biomassa bijstook. Zonder netkosten was dit voordeel zelfs 600 miljoen. Dit onderzoek publiceerden Natuur & Milieu en Eneco in februari 2016. ‘Uit de nieuwe cijfers, waarin de fors lagere kostprijs van wind op zee is verwerkt, blijkt dat het nog meer dan twee keer goedkoper is om de subsidie voor biomassa in te zetten voor wind op zee. Geen 400 miljoen maar 1 miljard euro besparing,’ aldus Geertje van Hooijdonk, hoofd Energie bij Natuur & Milieu.

 

Verstook geen subsidie in kolencentrales

‘Het zou absurd zijn als de overheid deze enorme besparing liet liggen en haar subsidie in kolencentrales blijft verbranden. De subsidie voor biomassa bijstook belemmert bovendien de wens van de Tweede Kamer om kolencentrales te sluiten,’ stelt Van Hooijdonk. ‘We roepen minister Kamp op om de mogelijkheden voor een extra windpark serieus te onderzoeken.’

Lees meer over:

Meer artikelen uit de categorie: Nieuws



 

Reacties: (10)

Trackback URL | Comments RSS Feed

  1. henkz schreef:

    Kunstmest:
    Wikipedia (https://nl.wikipedia.org/wiki/Haber-Boschproces)geeft het volgende cijfer: Jaarlijks wordt ongeveer 100 miljoen ton stikstofkunstmest geproduceerd, voornamelijk onder de vorm van watervrij ammoniak, ammoniumnitraat en ureum. Daarbij wordt ruwweg 3,3% van de wereldjaarproductie aan aardgas verbruikt (ongeveer 0,75% van het wereldenergieverbruik)

    Volgens de Bosatlas energie verbruikte de industrie (geen energiesector) in 2010 ca. 10 miljard m3 (van de ca. 52 miljard m3 totaal).

    Ik denk dat het getal van een kwart van het totale aardgasverbruik niet juist is, er zijn ook andere industrieën die aardgas verbruiken.

    Het elektriciteitsverbruik is ca. 10% van het totale energieverbruik.

  2. Nigten schreef:

    De samenvatting van Henk z laat zien dat we veel kunnen bereiken met besparing en nieuwe technologieën. U hebt veel uitgezocht en ik hoop dat de onderbouwing zorgvuldig is.

    Toch nog twee aanvullingen:

    1. Het maken van stikstofkunstmest kost veel energie. Volgens de producenten van stikstofkunstmest gaat 4 % van de energie (aardgas) naar deze kunstmestproductie. Er is mij zelfs verteld door een ambtenaar van de provincie dat een kwart van het Nederlandse aardgas ingezet wordt voor de stikstofproductie. Wellicht weten jullie wat het correcte cijfer is. Door meer met vlinderbloemigen te werken, door de ammoniak beter te binden en door het vermogen van niet vlinderbloemigen om stikstof te binden, beter te benutten kan hier nog enorm op worden bespaard. Ik denk dat we als we zouden willen, binnen vijf jaar geen stikstofkunstmest meer nodig hebben. Natuurlijke stikstof is ook minder verstorend dan kunstmeststikstof. Dan moet de mest wel omgezet worden door mestwormen. De bacteriën en schimmels, en de huminezuren die mestwormen produceren, zorgen ervoor dat de stikstof gelijkmatig vrijkomt. Planten hebben daardoor ook minder last van ziekten en plagen. Daarmee besparen we weer op bestrijdingsmiddelen (die vergen ook fossiele grondstoffen).

    2. Een vriend van me installeert een nieuw type zonnecellen die goedkoper zijn per opgewekte kilowatt en die ook in de schaduw en aan de noordzijde zonne-energie op kunnen wekken. Het gaat om zgn dunne filmpanelen (TSMCpanelen). Zijn eigen huis, voorzien van een warmtepomp, kan nu geheel zonder aardgas,en hij heeft niet zwaar hoeven investeren in isolatie. Ook kan het huis normaal geventileerd worden, en is er geen dure warmteterugwinning geplaatst.

    Kortom, het kan nog beter en dus ook sneller met de energietransitie.

    met vriendelijke groet,

    Anton Nigten

  3. Wilma Paalman schreef:

    @Henkz
    Deze twee artikelenreeksen, over duurzame opwekking en besparing ken ik ook en ik maak er graag gebruik van.
    Ook al omdat het vaak gezien wordt als een onverdachte bron. Daarom ook mijn pleidooi voor én-én.

  4. henkz schreef:

    Nederland verbruikt 4000 PJ. Dat zegt misschien niet zo veel.

    Echter als je bedenkt dat er 6000 MW wind op zee gepland is, en dat dit dan maar 16 PJ per jaar oplevert, dan besef je dat we nog een lange weg te gaan hebben.

  5. henkz schreef:

    Bij deze het slotartikel van de serie:

    Nederland kan zijn energiegebruik halveren

    In een serie van 14 artikelen vroegen we ons af of hoe Nederland energie kan besparen, terwijl de Nederlandse economie op volle toeren blijft draaien. Gaandeweg bleek dat we zonder grote technologische doorbraken meer dan de helft van het Nederlandse energiegebruik zouden kunnen wegstrepen. Tot slot een recapitulatie van alle besparingen. Zal Nederland er na deze ingrepen radicaal anders gaan uitzien?

    Mark van Baal

    De manier waarop we een eitje koken is exemplarisch voor ons energiegebruik. We houden een pannetje water een aantal minuten aan de kook, halen de eieren er uit en gooien het hete water in de gootsteen. Ad van Wijk, professor Future Energy Systems in Delft, gebruikt deze metafoor vaak om duidelijk te maken hoe inefficiënt onze energiehuishouding is.

    Ter herinnering: Nederland gebruikt jaarlijks 4.000 Petajoule (1015 Joule) aan energiedragers, inclusief alle fossiele brandstoffen die als grondstoffen in de chemische industrie verdwijnen en inclusief alle brandstoffen die in brandstoftanks van internationale vliegtuigen en schepen verdwijnen. Om Nederlands van deze hoeveelheid energie te voorzien zou er (gerekend in aardolie) om de dag een Ultra Large Crude Carrier (ULCC) van 400 meter de Rotterdamse haven moeten aandoen. Omgerekend naar het gebruik van alle Nederlanders betekent het 9 liter aardolie, 6 kuub aardgas, 2 kilo steenkolen en een beetje nucleaire en duurzame energie per persoon per dag.

    In 2011 vroegen we ons in een 14-delige energieserie af of het mogelijk was om deze hoeveelheid fossiele energie te vervangen door duurzame energie. Aflevering voor aflevering vulden we de kolom met het Nederlandse energiegebruik met alle denkbare vormen van duurzame energie. Dat de meeste vormen elektriciteit genereren en dat de helft van de Nederlandse economie op aardolie draait, lieten we buiten beschouwing. Het ging om de vraag of die 4.000 PJ te vervangen zou zijn.

    In dit gedachtenexperiment verrezen er onder andere 10.000 grote windturbines. Verder zouden bijvoorbeeld alle daken en gevels op het zuiden vol liggen met zonnepanelen en zonnecollectoren. Driekwart van de Nederlandse landbouwgrond zou vol staan met maïs (biogas), suikerbieten (bio-ethanol) en bomen (biomassa).
    Wie dit landschap achter zich zou willen laten en het ruime sop zou kiezen, zou een kustlijn met golfturbines en een Noordzee met windturbineparken (10 procent van de Noordzee) en golfcentrales aantreffen.

    De conclusie was ja, Nederland kan draaien op duurzame energie (met bestaande technologie, een conclusie die sommige sceptici voor onmogelijk hielden), maar zou er dan wel radicaal anders uitzien, alleen al vanwege de vele windturbines ter land en ter zee.

    Een logische vervolgvraag was dan ook: zouden we die kolom met het Nederlandse energiegebruik niet omlaag kunnen brengen? Hoe minder energie we gebruiken, hoe minder energie we hoeven te verduurzamen. Met deze vraag startten we aan het begin van het jaar de serie Hoeveel energie kan Nederland besparen?

    De grootste slag bleek te slaan in de transportsector. Als eerste door afscheid te nemen van de verbrandingsmotor die bijna alle 8 miljoen personenauto’s aandrijft. Er rijden inmiddels 70.000 elektrische auto’s (van plug-in hybride tot volledig elektrisch) in Nederland. Deze transitie van verbrandingsmotoren naar elektromotoren is zowel snel als langzaam te noemen. Wie kijkt naar het absolute aantal – minder dan een procent van het totale Nederlandse wagenpark – kan de opkomst van de elektrische auto langzaam noemen. Wie kijkt naar de groei – van praktisch 0 naar 70.000 in een paar jaar – kan deze exponentieel noemen. Door over te stappen van de inefficiënte verbrandingsmotor (die meer warmte dan bewegingsenergie produceert) op de efficiënte elektromotor kan het lichte transport (naast auto’s bromfietsen, motoren en licht goederentransport) 78 procent energie besparen (257 PJ). Bijkomend voordeel: de bijbehorende accu’s kunnen in de ruim 20 uur per dag die auto’ stil staan, dienen als elektriciteitsopslag.

    In het zware wegtransport, waar elektromotoren en vooral batterijen nog geen soelaas bieden, ligt naast efficiencyverhoging een verplaatsing van deze transportstroom naar de Nederlandse waterwegen en spoorverbindingen meer voor de hand. Transport over water of over rails kost minder dan een tiende van de energie die transport over de weg kost. Het binnenlandse vervoer (goed voor 12 procent van de inzet van energiedragers) kan zo meer dan gehalveerd zonder dat er een kilometer minder wordt gereden.

    De kerosine, stookolie en scheepsdiesel voor de internationale lucht- en scheepvaart (door het CBS geboekstaafd als ‘bunkers’ die formeel buiten de binnenlandse consumptie vallen, omdat ze worden geëxporteerd) zijn goed voor 18 procent van de 4.000 PJ. Ook deze sectoren zijn met de huidige stand van de techniek niet te elektrificeren. Ze moeten het hebben van het verhogen van hun efficiency. Hier bleek dat de scheepvaart 40 procent en de luchtvaart 50 procent zou kunnen besparen. We namen bij vliegtuigen het CleanERA (Cost-effective Low Emissions And Noise Effective Revolutionary Aircraft) ontwerp uit Delft als voorbeeld. Het belangrijkste kenmerk van deze zogenoemde blended dwing body is dat romp bijdraagt aan het dragend vermogen waardoor het vliegtuig van de toekomst er uit ziet als een dikke vleermuis met korte vleugeltjes. In de hele transportsector bleek 665 PJ te besparen.

    In de gebouwde omgeving (goed voor 20 procent van de inzet van alle energiedragers) bleken isolatie en warmtepompen grote stappen voorwaarts te kunnen leveren. De kleine 7 miljoen Nederlandse woningen, die 11 procent van de energiedragers (voornamelijk aardgas) verstoken, zouden de warmtevraag drastisch kunnen verlagen door middel van isolatie en dubbel glas. De verlaagde warmtevraag kan vervolgens worden geleverd door elektrische warmtepompen, die warmte uit grondwater of uit de lucht gebruiken om verwarmings- en tapwater te verwarmen. Deze woningen hebben geen aardgas meer nodig. Hiervoor hoeft geen nieuwe technologie op de markt te komen. De eerste all-electric nieuwbouwwoningen die geen gasaansluiting hebben, staan er al. De geëlimineerde gasvraag en de verhoogde elektriciteitsvraag resulteren per saldo in een besparing van 280 PJ.
    De kantorenmarkt (9 procent) schakelde in de nieuwbouw al eerder over op warmtepompen in combinatie met warmte- en koudeopslag (WKO). Betere isolatie kan de thermische energievraag kunnen halveren. Warmtepompen kunnen die energievraag vervolgens door 4 delen. Alle maatregelen samen zouden in de kantorenmarkt een energiebesparing van 259 PJ kunnen opleveren, waarmee de hele gebouwde omgeving met 539 PJ minder zou kunnen.

    De elektriciteitssector, die bij het genereren van elektriciteit meer dan de helft van de potentiële energie van kolen en aardgas door schoorstenen en koeltorens of in aanpalende rivieren of zeeën laat verdwijnen, zou eveneens veel efficiënter kunnen. Deze zogenoemde conversieverliezen bedragen 14 procent van de inzet van energiedragers in Nederland. Door deze afvalwarmte nuttig in te zetten in de gebouwde omgeving en vooral de industrie is het rendement van het Nederlandse centralepark te verhogen van 37 procent (gemiddelde vandaag) naar 86 procent (rendement van een bestaande SToom En Gasturbine (STEG) centrale in Diemen, die elektriciteit en warmte levert). Het zou een besparing van 500 PJ kunnen opleveren.

    De Nederlandse industrie (31 procent), voor een groot deel gebouwd in een tijd waarin energie nog goedkoop was, bleek in deze serie ook grote besparingen te kunnen realiseren. Ten eerste door isolatie. Ten tweede door de inzet van industriële warmtepompen, waarmee we komen op de tweede technologie die nog op de markt moet komen. Vooral in destillatiekolommen zou de afvalwarmte aan de bovenkant ingezet kunnen worden om de feedstock (grondstof) aan de onderkant te stoken. Ten derde door de helft van grondstoffen (CBS-post ‘niet-energetisch finaal gebruik’, goed voor meer dan de helft van het industriële gebruik), zowel voor kunststoffen (vooral aardolie en aardgas) als metalen (kolen en cokes) te halveren door simpelweg de helft hiervan te recyclen. Deze drie maatregelen kunnen bij elkaar in totaal 398 PJ opleveren.

    In de landbouw, waaronder de energie-intensieve glastuinbouw, bleek ten slotte nog 74 PJ te halen door efficiëntere kassen en, opnieuw, de inzet van elektrische warmtepompen in plaats gasgestookte ketels of WKK’s.

    Wanneer we al deze besparingen bij elkaar optellen, komen we op meer dan de helft van de Nederlandse energievraag: 2.176 PJ aan besparingen op de 4.000 PJ per jaar die we vandaag nodig hebben.

    Opvallend is dat deze voor de hand liggende en beschikbare (behalve nieuwe vliegtuigen en industriële warmtepompen) technieken leiden tot een vergaande elektricificering van de energiehuishouding, een ontwikkeling die goed samen zou kunnen gaan met een vergaand verduurzaming van de energievoorziening, die immers veel duurzame elektriciteit oplevert.
    Na 2 energieseries kunnen we concluderen dat zowel een halvering als een verduurzaming van het Nederlandse energiegebruik mogelijk is met één kanttekening: op jaarbasis zijn vraag en aanbod dan met elkaar in evenwicht, maar om op iedere moment evenwicht te hebben, zullen er meer technische maatregelen moeten worden genomen, zoals aanbod- in plaats van vraagsturing en energieopslag.
    De Nederlandse economie zou na al deze besparingsmaatregelen nog steeds op volle toeren kunnen draaien. We hoeven de chemische industrie niet dicht te gooien, het luchtruim niet te sluiten of de haven van Rotterdam niet te dempen. De snelwegen kunnen iedere morgen nog even vol staan. Anders dan bij de verduurzaming van de energiehuishouding zou Nederland er niet anders uitzien na al deze besparingsmaatregelen. Alleen de vliegtuigen die we in de lucht zouden zien, zouden er radicaal anders uitzien.

  6. henkz schreef:

    @Wilma
    Transitie heeft inderdaad tot gevolg dat er een verschuiving naar elektriciteit zal gaan plaatsvinden. Denk aan elektrisch vervoer en verwarming. Echter op dit moment is de focus alleen maar op zon- en windenergie en niet op besparen. Voorbeeld: ik heb op deze website wel eens gevraagd wie er radiatorfolie heeft: geen enkele reactie. De focus is ook alleen maar op huishoudens, maar wat de meeste mensen niet weten is dat vervoer en industrie de meeste energie verbruiken. Mark van Baal heeft een serie in het Technisch Weekblad geschreven over besparen. Het is mogelijk om de helft op ons energieverbruik te besparen onder andere door WKK in de industrie toe te passen, elektrisch vervoer, elektrische verwarming van huizen, utiliteit en tuinbouw. Helaas gaat daar de discussie nooit over..

  7. Wilma Paalman schreef:

    @henkz: Op zich ben ik het helemaal met je eens. Eerst besparen, dan opwekken. Alleen maak jij net als veel mensen de denkfout dat je als Nederland in zijn totaliteit kunt besparen op elektriciteit. Dat zal dus niet lukken. Becijferingen over de effecten van elektrificatie (verschuiving gas en brandstof naar elektriciteit) lopen uiteen van plus 10 % tot plus 100 %. Dus iedereen die denkt dat we moeten besparen en dus dan minder hoeven op te wekken, steekt zijn kop in het zand. Alle plannen voor windmolens op zee en op land en zonnepanelen en alle andere vormen van elektriciteitsopwekking zijn hard nodig om de komende jaren onze vervuilende kolen en gasopwekking te vervangen. Daarvoor geldt dus volle kracht vooruit en zeker niet afremmen.
    Hetzelfde geldt voor besparingen op aardgas en elektriciteit door iedereen individueel, ook daarvoor geldt volle kracht vooruit enz.
    Het is dus niet of-of, maar en-en.

  8. henkz schreef:

    Isoleren levert nog veel meer op:
    http://www.energieoverheid.nl/2016/03/16/1-miljoen-huizen-isoleren-levert-meer-op-iedereen/

    Trias Energetica: eerst besparen, dan pas duurzaam opwekken.

  9. Lex schreef:

    Typische struisvogelreactie van Sunshine (zal wel een medewerker van Kamp of van Shell zijn. Nee ga vooral door met geld te blijven pompen in olie, kolen en kernenergie waar veel meer subsidiegeld in zit dan in duurzame energie.
    Druk alles nu niet eens uit in kosten euro maar in energiebesparing dan zie je snel welke energievormen door de mand vallen zoals kernenergie en kolen laat staan biomassa die met subsidie wordt gesponsord om boten heen en weer te laten varen.

  10. Sunshine schreef:

    1 miljard euro besparen met windmolens die draaien op subsidie? Hoe gaat dat werken?
    Na 2019 stopt Duitsland met het uitbreiden van windmolenparken omdat het draaiend houden van de windmolens 5x meer kost dan ze opbrengen!

    Bovendien is bekend dat zeedieren last hebben van de geluiden die door de windmolens worden geproduceerd.

    Dus alsjeblieft geen windmolenparken op zee.