like duurzaamnieuws op facebook
volg duurzaamnieuws op twitter
zoeken op duurzaamnieuws

Ziekenhuizen verduurzamen met overstap van gas naar stadswarmte

Van: op 2 mei 2017

ziekenhuis warmtenetSteeds meer medische instellingen in Nederland maken voor hun warmtevoorziening gebruik van stadsverwarming. Met hun overstap van gas naar stadswarmte vervullen de instellingen een koploperrol in de energietransitie.

Enkele jaren geleden stapte het VU MC als eerste Nederlandse ziekenhuis over op stadswarmte. Sindsdien hebben nog meer medische instellingen de overstap gemaakt. Van het LUMC, MC Slotervaart en het Maasstad Ziekenhuis tot het AMC en de bloedbank Sanquin Amsterdam.

Volgens Marcel Meiling, senior accountmanager Nuon, is de reden dat ziekenhuizen voor stadswarmte kiezen drieledig. “Ziekenhuizen verkleinen heel sterk hun (lokale) CO2-voetafdruk, ze verlagen de hoge gaskosten én ze genieten van de lusten van warmte zonder de lasten van het onderhoud.” Projectmanager Jordy Pedd van Bloedbank Sanquin vult aan: “De business cases laten zien dat stadswarmte zichzelf terugverdient en daarnaast is het voor onze organisatie voldoende betrouwbaar. Zelfs wij, een bloedbank en een farmaceutisch bedrijf met hoge eisen en technisch gecompliceerde systemen, kunnen draaien op stadswarmte.”

 

Een kleinere CO2-voetafdruk

Meiling vertelt dat ziekenhuizen gemiddeld een miljoen tot twee miljoen kuub gas per jaar verbruiken. “Dat brengt natuurlijk ook een behoorlijke CO2-uitstoot mee. Draaien ziekenhuizen in plaats van de gaskraan de warmtekraan open, dan stoten ze soms tot wel tachtig procent minder CO2 uit.” De warmte die de ziekenhuizen gebruiken, komt van een afvalverbrandingscentrale of een elektriciteitscentrale. Restwarmte die hier vandaan komt, krijgt zo een nuttige bestemming.
Bloedbank Sanquin sluit dit jaar een deel van zijn farmaceutische fabriek aan, een gebouw waarmee flinke winst te boeken is wat betreft duurzaamheid. Pedd: “We verwarmen de farmaceutische fabriek nu nog grotendeels met stoom, een energie-intensieve toepassing. Door voor alleen al dit deel van ons gebouwbestand over te stappen op stadswarmte, besparen we ten opzichte van 2013 zo’n acht procent CO2-uitstoot op de totale CO2-uitstoot – inclusief elektraverbruik – van de locatie Plesmanlaan.” Sanquin zet daarmee een belangrijke stap in de Europese doelstelling van 20 procent CO2-reductie in 2020.

 

Betrouwbaarheid essentieel

Ziekenhuizen kunnen beschikken over zogenoemde bivalente aansluitingen. Meiling legt uit: “In extreme omstandigheden, bijvoorbeeld heel hevige vorst, of bij onderhoudswerkzaamheden, kunnen we geen optimale levering garanderen. Het kan voorkomen dat alle stadswarmte nodig is voor woonhuizen. Ziekenhuizen kunnen dan gebruikmaken van hun cv-ketels.”

Redundantie is essentieel in de medische wereld, bevestigt Pedd. “We moeten ons materiaal, zoals bloed en medicijnen, onder de juiste omstandigheden bewaren. In cleanrooms circuleert bijvoorbeeld lucht, die constant afhankelijk van het seizoen opgewarmd en gekoeld wordt. Er gelden strikte grenzen aan de temperaturen van de lucht om ons kostbare materiaal goed te kunnen bewaren.”

Naast noodsituaties vragen bepaalde reinigingsprocessen in ziekenhuizen nog om gas. Ontsmetten gebeurt bijvoorbeeld op zeer hoge temperaturen en vaak met stoom. Hiervoor is stadswarmte (nog) niet toereikend. Op het gas dat daarvoor nodig is, krijgen ziekenhuizen korting.

 

Blik op de toekomst

Voor gemeenten met ambitieuze klimaatdoelstellingen ligt samenwerking met ziekenhuizen die aansluiten op warmtenetten voor de hand. De warmteaansluiting van Sanquin maakt deel uit van het City-zen Project, een overkoepelend duurzaamheidsproject vanuit de Europese Unie waaraan onder meer de gemeente deelneemt. Pedd: “In de periode tot 2019 vinden een aantal grootschalige ontwikkelingen plaats op het Sanquin-terrein. Ieder gebouw dat we aanpakken, sluiten we aan op het warmtenet. Zo bewegen we mee met de gemeente Amsterdam.”


Ziekenhuizen en de farmaceutische industrie kunnen een enorme bijdrage leveren in de energietransitie, denkt Meiling. “Een aansluiting op stadswarmte is daarbij verreweg de slimste en meest effectieve maatregel. De grootste uitdaging ligt erin bestaande bouw van het gas af te halen, aangezien daar de meeste aanpassingen nodig zijn en niet overal een warmtenet in de buurt ligt. Maar bij alternatieve oplossingen, bijvoorbeeld een warmte-koudeopslag, zijn de aanpassingen veel ingrijpender.”

 

Lees meer over:

Meer artikelen uit de categorie: Nieuws



 

Reacties: (4)

Trackback URL | Comments RSS Feed

  1. henkz schreef:

    Het artikel is duidelijk gebaseerd op de mening van Nuon. Alliander (netwerkbedrijf voorheen verbonden met Nuon!) heeft een duidelijk andere mening over stadsverwarming.

    Pallas Agterberg, Alliander:
    Om een voorbeeld te noemen: de huidige vorm van monopolistische fossiele stadsverwarming blokkeert innovatie. In een wijk waar stadsverwarming ligt, is het momenteel vanwege de verplichte afname van warmte niet mogelijk om off-grid woningen te bouwen. Democratie moet in het systeem zitten, dan pas gaat het werken. Zorg dus voor keuze bij warmte (welke bron kan men gebruiken) en zorg voor openheid. Daarnaast kunnen woningen zo goed geïsoleerd worden, dat deze bij het aanzetten van de computer al geen warmtevraag meer hebben. Hiermee verliezen bedrijven klanten. Het zijn systeemkeuzes. Het verdienmodel van de markt gaat niet altijd samen met het belang van de burger.
    Waar kunnen mensen beginnen? Met het isoleren van de gebouwde omgeving, dat kan vandaag nog. Het doel moet dan ook zijn: in 2050 moeten we een CO2-uitstoot van 0% hebben. En niet 80%. Het is zinloos om halfslachtig te werk te gaan. Het probleem moet echt opgelost worden. Om dit te realiseren moet je de gaskraan in Groningen dicht draaien. Mensen moeten dan in actie komen, want dit gebeurt niet als de gasprijs zo laag blijft. Oude gasnetten moeten na 50 jaar vervangen worden. Alliander staat ervoor open om deze niet te vervangen, maar te verwijderen. Zo creëer je duidelijkheid. Op een gegeven moment weet de burger wanneer de gasleiding verwijderd wordt. Als dit over bijvoorbeeld 15 jaar is dan hebben mensen 15 jaar de tijd om voor een alternatief te zorgen. Hierbij valt te denken aan: isoleren, zonnepanelen, warmtepomp; kortom NoM-achtige woningen. Dit zijn energieproducerende gebouwen. Een overschot aan elektra kan opgeslagen worden in elektrische auto’s. Verder kun je onderling met de buurt energie uitwisselen. Tot slot is het misdadig, dat nu nog nieuwbouw wordt aangelegd met een gasnet.
    Zie: https://www.gebiedsontwikkeling.nu/artikelen/de-energietransitie-uitdager-van-een-nieuwe-ontwerppraktijk/

  2. Stadswarmte.blogspot.nl schreef:

    Geachte Heer Molinero,

    Het afval wat daar wordt verbrand wordt ingevoerd in Nederland vanuit het buitenland. Dit heeft niets met duurzaamheid of CO2 besparing te maken. Uit Energiecentrales komt zeker echte rest-warmte alleen is dit maximaal 45-50 graden. De warmte voor warmtenetten >90 wordt afgetapt uit het primaire stoomcircuit en heeft NIETS met rest te maken !

  3. Molinero schreef:

    Ipv de instellingen iets uit te leggen kunnen we beter dhr/mevr ‘Stadswarmte.blogspot.nl’ duidelijk maken dat het hier restwarmte betreft van afvalverbrandings- cq elektriciteitscentrales die anders onbenut in de omgeving zou verdwijnen. Wel degelijk reële CO2-besparing dus! Dit laat onverlet dat er teveel burgers zijn die worden geconfronteerd met problemen met hun aansluiting op stadsverwarming, maar we moeten niet alles op één hoop gooien!

  4. Stadswarmte.blogspot.nl schreef:

    Wordt deze instellingen ook uitgelegd dat het een papieren CO2 besparing is en deze hoge temperatuur warmtenetten vaak slechter zijn dan de kwaal gas ? CO2 wordt er in de keten al helemaal niet meer bespaart. STEG wordt eruit gedaan en biomassa + import afval komt er voor terug. Beide opties stoten veel meer echte CO2 uit dat het oude gasketeltje…
    Deze instellingen betalen met 5-9 euro per GJ wel een faire prijs in tegenstelling tot de consument die gemiddeld 30% meer betaalt dan ware zijn huis vanaf de bouw aangesloten op gas met een gasketel.