Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

In de nacht van 24 op 25 oktober gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur. ’s Avonds wordt het eerder donker, maar voor wie gevoelig is voor ritmeveranderingen, kan het wennen nog dagen duren.

wintertijd

Je lichaam is niet altijd blij met het terugzetten van de klok. Foto: iStock – Zephyr18

Je wekker geeft je zondagochtend een uur extra, maar misschien ben je op je oude tijd al wakker. Op 25 oktober begint in Nederland de wintertijd, volgens een afspraak die we met de rest van de Europese Unie delen. Onze biologische klok richt zich vooral op de zon, en die verandert niet als we de klok verzetten. Daardoor kunnen de tijd op de klok en het ritme van je lichaam tijdelijk uiteenlopen.

Dat extra uur voelt niet voor iedereen als uitslapen

Je ligt op zondagavond op je gebruikelijke tijd in bed, maar de slaap komt niet. Of je wordt maandagochtend wakker en voelt je nog niet helemaal fit. Neurologe Inge Declercq van het UZA vergelijkt het gevoel na de klokwisseling met een kleine jetlag. Zelfs dat extra uur in bed voorkomt die bij sommige mensen niet.

Ook slaapexpert Koko Beers van de Hersenstichting wijst erop dat je lichaam zich bij elke tijdsverandering opnieuw moet aanpassen. De klok aan de muur is meteen bijgesteld; je slaapritme loopt daar soms nog achteraan. Dat kun je merken bij het inslapen, maar ook als je op je gewone tijd moet opstaan.

De wintertijd past juist beter bij het daglicht

De overgang naar de wintertijd kan lastig zijn voor je ritme. Volgens Declercq sluit die tijd beter aan bij wanneer ons lichaam licht nodig heeft. Ochtendlicht valt namelijk op een gunstiger moment, terwijl de avond eerder donker wordt.

Dat verschil zie je meteen op de eerste zondag met wintertijd: in Nederland komt de zon dan om 07.22 uur op en gaat ze om 17.25 uur onder. Het zijn de tijden die straks op je klok staan. Het daglicht zelf trekt zich natuurlijk niets aan van onze afspraak over zomer- en wintertijd.

Goed om te weten De Hersenstichting ziet een blijvende wintertijd als de beste keuze voor de volksgezondheid. Daarmee pleit de organisatie voor een vast ritme, zonder halfjaarlijkse omschakeling.

Wennen kan langer duren dan het weekend

Hoelang je iets van die verschuiving merkt, verschilt per persoon. Slaapcoach.nl houdt rekening met enkele dagen tot weken voordat het lichaam gewend is aan het nieuwe ritme.

Ben je gevoelig voor veranderingen in je slaapritme, dan kun je het verschil sterker merken. Vooral als je toch al moeite hebt met slapen of opstaan, is een uur op de klok niet per se een uur dat je lichaam cadeau krijgt. De omschakeling kan tijdelijk rommelig voelen, ook als de wintertijd daarna beter bij het daglicht past.

Een paar kleine stappen vóór zondag

Je hoeft niet te wachten tot de klok is verzet om je ritme wat ruimte te geven. Een veelgenoemd advies is om in de dagen ervoor je bedtijd en het moment waarop je opstaat telkens 10 tot 15 minuten richting de nieuwe kloktijd te schuiven. Zo verander je je schema stap voor stap in plaats van in één nacht.

Ook een vast schema voor slapen en dagelijkse activiteiten kan helpen tijdens de overgang. Daglicht in de ochtend geeft je biologische klok een extra aanknopingspunt om aan het nieuwe ritme te wennen. Kameosleep.nl adviseert daarvoor een geleidelijke verschuiving over ongeveer 3 dagen.

  • Schuif je slaap- en opstaantijd in kleine stappen op richting de nieuwe tijd.
  • Zoek ’s ochtends daglicht op.
  • Houd je dagelijkse slaap- en activiteitenschema zo vast mogelijk.

Van het klokverzetten zijn we nog niet af

Nederland voerde de zomertijd in 1977 in om gelijk te lopen met de buurlanden. Inmiddels regelen EU-landen de klokwisseling samen. Een land kan daardoor niet zomaar op eigen houtje een andere tijd kiezen zonder dat dit gevolgen heeft voor de afstemming met zijn buren.

Over het stoppen met de halfjaarlijkse tijdsverandering wordt in Europa al jaren gesproken. De in 1977 ingevoerde zomertijd blijft voorlopig bestaan.