Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

Aan de oever van het Karatsjajmeer in Rusland liep de straling rond 1990 op tot ongeveer 6 sievert per uur, genoeg voor een dodelijke dosis binnen een uur. Het meer is sinds 2016 afgedekt en dient nu als opslagplaats voor kernafval.

mayak gesloten gebied

Het besmette gebied rond de kerncentrale van Mayak. Foto: Ecodefense/Heinrich Boell Stiftung Russia/Slapovskaya/Nikulina via Wikimedia.

Een meer roept meestal beelden op van zwemmen, vissen of een wandeling langs de kant. Bij het Sovjet-kerncomplex Mayak in de zuidelijke Oeral werd dat vanaf oktober 1951 anders, toen er middel- en hoogradioactief afval werd geloosd. In 1993 bevatte het water en sediment er samen naar schatting 4,44 exabecquerel aan radioactiviteit. De dodelijke oever aan de kop ligt inmiddels afgedekt, maar de plek blijft een navrant voorbeeld van wat er gebeurt wanneer kernafval jarenlang uit het zicht wordt gehouden.

Het begon achter een gesloten hek

Karatsjajmeer lag binnen het zwaar bewaakte terrein van Mayak, vlak bij de gesloten stad Ozyorsk in de zuidelijke Oeral. Mayak was tussen 1946 en 1948 gebouwd als de eerste plek waar de Sovjet-Unie plutonium maakte voor atoombommen.

Al voordat het afval in het meer terechtkwam, had de installatie radioactieve stoffen geloosd op de rivier de Techa. Dorpen stroomafwaarts kregen daardoor al met vervuiling te maken. Het meer werd vervolgens een plek waar het afval uit beeld verdween.

Droogte maakte het probleem veel groter

besmet Mayak meer

Weerspiegeling van een Mayak faciiteit in besmet water. Foto: Belona – Denis Sinyakov/ echo.msk.ru

De radioactiviteit zat in het water en diep in de bodem. Van de gemeten voorraad bestond 3,6 EBq uit cesium-137 en 0,74 EBq uit strontium-90, twee radioactieve elementen die nog lang gevaarlijk blijven.

  • Het wateroppervlak kromp van ongeveer 0,5 km² in 1951 naar 0,15 km² eind 1993.
  • Door droogte en verdamping kwam vervuild slib steeds dichter aan de oppervlakte.

Dat liep in de jaren zestig flink uit de hand. Een wetenschappelijke reconstructie plaatst de stofverspreiding tussen 10 april en 15 mei 1967, terwijl andere beschrijvingen 1968 noemen. Wind blies toen 185 PBq radioactief stof de regio in, waardoor ongeveer 500.000 mensen straling opliepen.

Het Worldwatch Institute bestempelde Karatsjajmeer als de meest vervuilde plek op aarde. Een drooggevallen meerbodem kon hier veranderen in een bron van radioactief stof die met de wind meeging.

Beton moest het stof de baas blijven

Tussen 1978 en 1986 gooiden arbeiders ongeveer 10.000 holle betonblokken in het meer. Die moesten voorkomen dat de bodem verschoof, minder snel uitdroogde en opnieuw stof kon verspreiden.

Op 26 november 2015 gingen de laatste blokken erin. In december 2016 lag de plek onder beton, rotsen en aarde en was het open meer veranderd in een droge opslagplaats vlak onder het maaiveld voor nucleair afval.

De radioactiviteit is daarmee niet verdwenen. De afsluiting moest vooral voorkomen dat vervuilde deeltjes verder over het oppervlak zouden trekken of opnieuw in de lucht terechtkwamen.

Een waarschuwing voor het debat hier

Wie in Nederland naar kernenergie kijkt, kijkt ook naar de vraag wat er met het afval gebeurt als een centrale allang niet meer produceert. Mayak laat zien hoe lang de gevolgen kunnen doorwerken wanneer afvalopslag in de eerste jaren nauwelijks gecontroleerd wordt.

Bij Mayak ging het vaker mis. Op 29 september 1957 vond er de Kysjtym-ramp plaats, een van de ernstige nucleaire incidenten rond het complex. Buitenlanders mochten 45 jaar lang niet bij de installatie komen, totdat president Boris Jeltsin in 1992 toegang mogelijk maakte.

“Het meest acute probleem in die regio ligt bij het Karatsjajmeer.”
Thomas Nilsen, onderzoeker bij milieuorganisatie Bellona Foundation

Nilsen zei dat in 2001, toen het meer nog open lag. De afdekking maakt de plek veiliger dan toen, maar het terrein blijft een opslagplaats met een zware erfenis in de grond.

Over de studie

De grote schattingen voor de vervuiling komen uit meerdere metingen. Een wetenschappelijke studie uit 1993 berekende de radioactiviteit in water en sediment, terwijl de Natural Resources Defense Council de historische stralingswaarde aan de oever vastlegde.

Mayak volgde de locatie ook na de afsluiting. In de eerste tien maanden na het dichtmaken zagen de beheerders een duidelijke afname van neerslag van radioactieve atomen op het oppervlak.