Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google
Van 18 tot en met 20 oktober konden kraanvogels door de stevige oostenwind in heel Nederland opduiken. Bij Diepholz zaten op 19 oktober meer dan 12.000 vogels, maar hoeveel daarvan over Nederland trokken, is niet vastgesteld.
Kraanvogels vliegen in formatie over. Foto: iStock – hanhanpeggy
Wie in Twente omhoogkijkt, kan een groep kraanvogels zien overvliegen, op weg naar het zuiden. Na de weersomslag van vorige week kwam de route vanuit Noord-Duitsland vrij; normaal loopt die over Nederland via Twente, de Achterhoek en Limburg. De najaarstrek kan tot in december doorgaan, en soms komt de massale trek pas in november op gang, vooral bij sterke oostenwind. Die reizigers zijn niet dezelfde vogels als de kraanvogels die onder meer in Drenthe broeden en doorgaans het hele jaar blijven.
Bij Diepholz was het al vroeg druk
Bij Diepholz waren al vóór de weersomslag veel kraanvogels verzameld. Op 8 oktober werden er 12.153 geteld. Dat lag 10.000 boven het hoogste aantal van het najaar ervoor. Vergeleken met de piek in 2021 was het aantal zelfs twee keer zo groot.
Diepholz is een belangrijke pleisterplaats voor vogels die verder trekken richting Nederland en Frankrijk. Toch kun je zo’n telling niet lezen als een voorspelling voor één plek in ons land: de vogels wachten er op omstandigheden om verder te vliegen, en hun route kan verschuiven. Vogelbescherming Nederland hield op 19 oktober rekening met vertrek van grote groepen tot en met 21 oktober.
Die grote trek volgt verschillende routes
Kraanvogels vliegen op tijdens hun najaarstrek over Nederland. Beeld: Wageningen University & Research.
Over de hele West-Europese trekroute gaat het jaarlijks om 200.000 tot 300.000 kraanvogels. Die verdelen zich over drie routes. De vogels die via Diepholz trekken, vormen het deel dat bij gunstige wind boven Nederland kan verschijnen. De aantallen voor de volledige trekroute zeggen dus weinig over hoeveel vogels je op een bepaalde dag boven Overijssel ziet.
Dat verschil tussen een verzamelplek en een vliegroute maakt tellen lastig. Een groep die bij Diepholz wordt gezien, hoeft niet als geheel over Nederland te komen. En wie vanuit de Achterhoek omhoogkijkt, ziet slechts een stukje van wat er die dag onderweg is. Daarom blijven tellingen op pleisterplaatsen iets anders dan een landelijk totaal van overvliegende vogels.
Goed om te weten De West-Europese trek bestaat uit drie routes. Alleen de tak via Diepholz kan bij gunstige wind over Nederland lopen.
De wind kan de reis ook stilzetten
Een paar dagen later liet het weer de andere kant van de trek zien. Op 22 oktober verbleven al dagen enkele honderden tot bijna 1.000 kraanvogels in De Groote Peel, op de grens van Limburg en Noord-Brabant. Een ongunstige windrichting en een naderende storm vertraagden hun reis naar Spanje.
De vogels kunnen dus best al in Nederland zijn, zonder meteen verder te trekken. Wat bij Diepholz gunstig leek voor vertrek, zegt nog niet hoe de volgende etappe verloopt. De Groote Peel laat zien hoe sterk het moment van doorvliegen afhangt van het weer dat de vogels onderweg tegenkomen.
Ook de broedvogels worden geteld
Naast de trek houdt Sovon Vogelonderzoek Nederland bij hoeveel kraanvogels hier broeden. In 2025 stelde Sovon 81 broedparen vast, tegenover 70 in 2024. Het aantal paren groeide dus, maar een broedpaar levert niet vanzelf een uitgevlogen jong op.
- Ongeveer 45 paren bouwden een nest en legden eieren;
- uit die nesten kwamen minstens 39 kuikens,
- waarvan er uiteindelijk 20 uitvlogen.
Dat zijn cijfers over kraanvogels die in Nederland broeden, onder meer in Drenthe. Tellingen van vogels die hier in het najaar overvliegen, beschrijven de najaarstrek. Voor vogelaars is dat onderscheid belangrijk: een kraanvogel in Drenthe hoort niet automatisch bij dezelfde trek als een groep boven Twente.
Over het onderzoek
De cijfers in dit verhaal komen uit verschillende soorten tellingen. De telling bij Diepholz gaat over vogels die op een pleisterplaats verbleven. Sovon registreert juist broedparen, nesten en jongen in Nederland. Die gegevens kun je naast elkaar leggen, maar niet bij elkaar optellen tot één aantal trekkende vogels.
Voor de oktobergolf is ook geen afzonderlijk Sovon-trektelpostcijfer voor Overijssel bekend. Wie de komende weken kraanvogels wil zien, heeft volgens Vogelbescherming Nederland doorgaans de meeste kans in Limburg en het uiterste oosten van het land. Nieuwe groepen kunnen daar bij een volgende periode met gunstige wind alsnog opduiken.
