Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

Tijdens de Koude Oorlog werd Cheyenne Mountain bij Colorado Springs ingericht als bescherming tegen een mogelijke kernoorlog. Achter de hoofdingang wacht een bunkercomplex dat nog altijd operationeel is onder de United States Space Force.

controlekamer

De controlekamer in het Cheyenne Mountain complex. Foto: Bob Simons, U.S. Air Force – https://catalog.archives.gov, Public Domain, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=78459072 via Wikimedia

Alsof je door de toegang van een parkeergarage rijdt, maar dan met twee stalen deuren die elk 25 ton wegen: achter de ingang van Cheyenne Mountain begint een tunnel naar een ondergronds verdedigingscomplex. Vanaf 18 mei 1961 werd zo’n 693.000 ton graniet uit de berg gehaald, om plaats te maken voor kamers en tunnels op een terrein van 4,5 acre. Boven dit staaltje militaire bouwkunst hangt de vraag hoe ver een land wil gaan om een nucleaire aanval, en ook chemische, biologische en elektromagnetische dreigingen, te overleven.

Een slinger voor als de stroom uitvalt

De deuren zijn ruim 90 cm dik. Ze kunnen elektronisch dicht, maar er zit ook een handbediende slinger op. Zelfs als technische systemen uitvallen, kan iemand de afsluiting dus nog fysiek bedienen.

Een toegang die afhankelijk is van één elektrisch systeem zou juist bij een zware aanval een zwakke plek zijn. Deze deuren kunnen ook zonder elektronica dicht.

Bijna zes jaar hakken in graniet

Militairen poseren bij de tunnelingang van het Cheyenne Mountain Complex in Colorado.

Militairen poseren bij de tunnelingang van het Cheyenne Mountain Complex in Colorado. Beeld: U.S. Space Force photo by Airman 1st Class Justin Todd, Public domain, via Wikimedia Commons.

Het United States Army Corps of Engineers begon de uitgraving, met Utah Construction & Mining Company als uitvoerder. Van de eerste werkzaamheden in 1961 tot de afronding op 6 februari 1967 zat bijna zes jaar bouwtijd.

De rekening kwam uit op 142,4 miljoen dollar. Het [NORAD-commandocentrum](https://www.deepundergroundmilitarybases.com/database/underground-facilities/usa/cheyenne-mountain/) ging al op 20 april 1966 aan het werk, maanden voordat het hele complex officieel af was.

De gebouwen staan los van de berg

Onder de rots zitten vijftien afzonderlijke stalen gebouwen. Die rusten samen op 1.319 schokdempende stalen veren, waardoor ze niet star vastzitten aan het graniet.

Bij een zware schok kunnen de gebouwen daardoor meebewegen. Die constructie moest voorkomen dat een nucleaire explosie of aardbeving de ondergrondse ruimten direct zou verwoesten.

Goed om te weten
Cheyenne Mountain is 2.916 meter hoog. Het bunkercomplex ligt diep in een complete berg.

Gebouwd voor bommenwerpers, later voor raketten

Cheyenne Mountain werd een commandocentrum van NORAD, de militaire organisatie die het luchtruim boven Noord-Amerika bewaakt. Tijdens de Koude Oorlog was de eerste angst een aanval door Sovjet-bommenwerpers; later kwamen raketten daar nadrukkelijk bij.

De technische aanpak ging verder dan alleen dikke rotswanden en deuren. Het complex is ook ontworpen om een elektromagnetische puls te doorstaan, plus chemische en biologische aanvallen. Zo’n puls kan elektronische apparatuur ontregelen zonder dat er eerst een gebouw hoeft in te storten.

Vitale communicatie en militaire besluitvorming waren tijdens de Koude Oorlog al kwetsbaar voor aanvallen die veel verder gaan dan een conventionele inslag. Cheyenne Mountain laat zien hoe ver militaire planners gingen om die kwetsbaarheid fysiek weg te bouwen.

De bunker draait nog steeds mee

De locatie heet nu Cheyenne Mountain Space Force Station. Het Amerikaanse ministerie van Defensie is eigenaar en de United States Space Force beheert de basis via Space Base Delta 1; de status is nog altijd operationeel.

Op 11 september 2001 bleek dat het complex meer is dan een museumstuk uit de Koude Oorlog. Na de terroristische aanslagen in de Verenigde Staten ging de faciliteit volledig op slot.

De bouwstijl blijft uitzonderlijk: een ondergronds raster van kamers en tunnels, losse gebouwen op veren en afsluitingen die ook met spierkracht dicht kunnen. De [ruim 90 cm dikke deuren](https://thedarkatlas.com/posts/norad-cheyenne-mountain-complex) vormen nog steeds de laatste fysieke grens tussen de buitenwereld en het commandocentrum.

Hoeveel mensen er tegenwoordig precies in de berg werken, is niet openbaar gemaakt. Wel staat vast dat de basis ruim 59 jaar na de activering van het NORAD-commandocentrum op 20 april 1966 nog in gebruik is.