Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

NOAA ziet 81 procent kans op een zeer sterke El Niño tussen oktober en december. Voor Nederland en België vergroot dat de kans op een natte, stormachtige herfst en vroege winter, al blijft een rustige winter niet uitgesloten.

regen

El Niño kan zorgen voor een natte en winderige herfst in Nederland. Foto: iStock – Doctor_bass

Wie deze herfst de regenjas al bij de voordeur klaarlegt, kijkt misschien verder dan de wolken boven Nederland. Duizenden kilometers verderop warmt het zeeoppervlak rond de evenaar in de Stille Oceaan op, tijdens El Niño soms tot zo’n drie graden boven wat normaal is voor de tijd van het jaar. Dat kan de straalstroom boven de Atlantische Oceaan een andere duw geven, met gevolgen voor de kans op nat en onstuimig weer in Noordwest-Europa. De vraag is hoe sterk dat verre klimaatsignaal straks doorklinkt in onze herfst en winter, en wat seizoensverwachtingen daar wel en niet over kunnen zeggen.

De oceaan geeft een seintje, geen draaiboek

El Niño is er officieel pas wanneer het water in de tropische Stille Oceaan minstens enkele maanden meer dan 0,5 graden warmer is dan het langjarig gemiddelde. Loopt dat verschil op tot boven 1,5 graden, dan spreekt het KNMI van een sterke El Niño. Dat bepaalt hoe stevig het signaal naar Europa kan doorwerken.

De huidige fase kan bovendien lang aanhouden. NOAA rekent op ongeveer 97 procent kans dat El Niño doorloopt tot het vroege voorjaar van 2027, waardoor ook de periode na de winter nog invloed kan merken van de warme Stille Oceaan.

De straalstroom kan onze kant op kantelen

Het Met Office verwacht deze herfst en vroege winter een grotere kans op nat en stormachtig weer in Noordwest-Europa. Hoog in de lucht kan een trog, een zuidelijke bocht in de straalstroom, boven het oosten van de Atlantische Oceaan komen te liggen en storingen richting onze regio sturen.

Dat patroon past bij wat het KNMI eerder zag na sterke El Niño-fases: winters worden hier vaker zacht en wisselvallig. Rustig winterweer blijft mogelijk, alleen zijn de kaarten minder gunstig voor lange droge, koude periodes.

“Als we beter begrijpen wanneer seizoensverwachtingen meer of minder betrouwbaar zijn, kan dat iedereen helpen, van energiebedrijven die de wintervraag plannen.”

Dr. Laura Baker, klimaatonderzoeker bij het National Centre for Atmospheric Science en de University of Reading

Regen kan langer blijven hangen

De gevolgen van een nat seizoen blijven niet beperkt tot een paar grijze dagen. Tijdens de Britse winter van 2023/2024 zorgden stormen en zware regenval, gekoppeld aan een sterke El Niño, voor overstromingen, verkeershinder en stroomstoringen, beschrijft een studie in Atmospheric Science Letters.

Voor Nederland kijkt het KNMI ook nadrukkelijk naar het voorjaar. Na een sterke El Niño valt hier en in gebieden verder oostwaarts vaker een nat voorjaar, terwijl Oost-Spanje dan juist iets warmer en droger uitpakt. Dat verschil laat zien hoe plaatselijk zo’n wereldwijd klimaatsignaal kan uitwerken.

In het Atlantische gebied werkt El Niño juist de andere kant op. Het KNMI verwacht voor het orkaanseizoen van 2026 minder orkanen dan het langjarig gemiddelde, vooral relevant voor het Caraïbisch gebied en de Verenigde Staten.

Deze uitslag zou records breken

De kans dat de temperatuurafwijking in de tropische Stille Oceaan boven 2,5 graden Celsius uitkomt, is 69 procent. Daarmee zou deze El Niño sterker worden dan alle gemeten gebeurtenissen sinds 1950.

De vorige sterke El Niño piekte in december 2023 en hoorde volgens het KNMI bij de vijf krachtigste die ooit zijn waargenomen. Hij bleef wel onder de uitschieters van 1997/1998 en 2015/2016. De komende maanden moeten uitwijzen of de nieuwe fase daar alsnog overheen gaat.

El Niño keert onregelmatig terug, gemiddeld eens per twee tot zeven jaar, en duurt meestal een half jaar tot een jaar. Juist omdat deze episode mogelijk zo lang doorloopt, blijven herfst, winter en vroege voorjaar allemaal meetellen.

Over de studie

Laura Baker onderzocht met collega’s van het National Centre for Atmospheric Science en de University of Reading hoe goed seizoensverwachtingen Europese winters voorspellen. Hun onderzoek verscheen op 31 juli 2024 in Geophysical Research Letters en liet zien dat voorspellingen betrouwbaarder zijn in jaren met een sterke El Niño of La Niña dan in neutrale jaren.

De weerbeelden voor de komende maanden steunen daarnaast op berekeningen van NOAA en de seizoensverwachting van het Met Office van 21 augustus 2026. De volgende belangrijke meetperiode loopt van oktober tot en met december 2026, wanneer duidelijk wordt hoe ver de opwarming van de Stille Oceaan werkelijk oploopt.