Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google
Zuurstof verdwijnt in alarmerend tempo uit oceanen, meren en rivieren, waarschuwt een reviewstudie van Scripps Institution of Oceanography. Ook natuurlijke processen die het klimaat helpen reguleren verzwakken daardoor.

Een rivier die langs je fietstocht kabbelt, een meer waarin je zwemt, de zee aan de kust: ze lijken vanzelfsprekend vol leven. Maar onder het oppervlak verdwijnt de zuurstof. Dat gebeurt in de oceaan, in meren, rivieren en kustwateren, door opwarming, meststoffen en veranderende waterstromen. Een reviewstudie van Scripps Institution of Oceanography waarschuwt dat wateren daarmee ook een deel van hun rol in het reguleren van het klimaat verliezen. De onderzoekers willen het verdwijnen van zuurstof uit water, aquatische deoxygenatie, daarom opnemen in het Planetary Boundaries-raamwerk van kritische ecologische grenzen, waarin volgens hen al zeven van de negen grenzen zijn overschreden.
Water kan ongemerkt benauwd raken
Warm water kan minder zuurstof vasthouden dan koud water. In de oceanen daalde het zuurstofgehalte tussen 1960 en 2010 wereldwijd al met circa 2 procent. In tropische gebieden liep die afname in dezelfde periode op tot 40 procent, berekende de IUCN.
Ook de schaal verandert snel. Het volume zuurstofarm water in de open oceaan is in vijftig jaar tijd meer dan verviervoudigd, terwijl het aantal plekken met zuurstoftekort in kustwateren sinds 1950 ruim tien keer zo groot is geworden.
Meren en rivieren verliezen sneller terrein
Meerdere vissen zwemmen in troebel, bruin-groen water met zichtbare algengroei. Beeld: Fisheries.co.uk.
In 15.535 onderzochte meren daalde het zuurstofgehalte tussen 2003 en 2023 in 83 procent van de gevallen. De gemiddelde afname bedroeg 0,049 milligram per liter per decennium, sneller dan de gemeten daling in oceanen en rivieren.
Tijdens extreme warmte zakt het zuurstofgehalte in meren gemiddeld met 7,7 procent en in sommige gevallen zelfs met 19 procent; klimaatopwarming verklaart 55 procent van de wereldwijde afname in die meren.
Een onderzoek onder bijna 800 rivieren zag opwarming in 87 procent ervan en zuurstofverlies in 70 procent. De daling bedroeg tussen 1980 en 2023 gemiddeld 0,043 milligram per liter per decennium.
“We denken meestal dat rivieren minder zuurstof verliezen dan grote wateren zoals meren en oceanen, maar we zagen dat rivieren snel zuurstof kwijtraken.”
Li Li, hoogleraar civiele en milieutechniek aan Penn State University
De hitte werkt door tot op de bodem
De onderzoekers zien drie grote aanjagers van het zuurstofverlies: menselijke opwarming, te veel voedingsstoffen uit onder meer bemesting en minder verversing van diepere waterlagen. Als waterlagen minder goed mengen, komt zuurstof uit het oppervlak moeilijker op plekken waar dieren en bacteriën hem nodig hebben.
Bij zuurstofarme zones, ook wel dode zones genoemd, kunnen stikstofoxide en giftig waterstofsulfide vrijkomen. Stikstofoxide is een broeikasgas dat tot driehonderd keer sterker werkt dan koolstofdioxide.
- Onder het gematigde uitstootscenario SSP2-4.5 kan het zuurstofgehalte in meren deze eeuw nog met 4,3 procent dalen.
- Onder SSP5-8.5, een scenario met zeer hoge uitstoot, loopt die verdere daling op tot 8,8 procent.
Ook de Noordzee staat niet los van het klimaat
Voor Nederland is dit geen ver-van-ons-bedverhaal: de Noordzee, rivieren en meren maken deel uit van watersystemen die opwarming en vervuiling niet bij de grens tegenhouden. Zuurstofverlies kan de uitstoot van extra broeikasgassen versterken, waardoor een kringloop ontstaat waarin warm water steeds moeilijker herstelt.
De review pleit ervoor om zuurstofverlies in water toe te voegen aan het Planetary Boundaries-raamwerk. Dat raamwerk werd in 2009 opgesteld door 28 internationaal erkende wetenschappers om de grenzen te bewaken waarbinnen de aarde stabiel kan blijven functioneren.
Zo’n toevoeging zou zuurstof in water naast bekende mondiale drukfactoren zetten, in plaats van het te behandelen als een lokaal probleem bij een meer, riviermonding of kuststrook. De voorgestelde stap richt de aandacht op een proces dat van brongebied tot zee doorwerkt.
Over de studie
De review is geleid door Erica Ferrer, postdoctoraal onderzoeker bij het National Center for Ecological Analysis and Synthesis van UC Santa Barbara. Zij voerde het werk uit tijdens haar promotieonderzoek bij Scripps Institution of Oceanography van UC San Diego.
Het artikel verscheen op 30 juni 2026 in Limnology and Oceanography. Ferrer en collega’s brengen daarin onderzoek naar oceanen, kustwateren, rivieren, meren en beken samen om aquatische deoxygenatie als afzonderlijke planetaire grens op de agenda te zetten.

