Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

In 1984 nam NASA een bijenkolonie mee aan boord van de spaceshuttle. Binnen een week hadden de 3.301 insecten een honingraat gebouwd, en de kolonie hield haar gewone ritme verrassend goed vast.

bijen op een honingraat

Bijen op een honingraat. Foto: iStock – ApisitWilaijit

Op 6 april 1984 vertrok de spaceshuttlemissie STS-41C voor de reparatie van de Solar Maximum Mission-satelliet, met een opvallend biologisch experiment aan boord. Onderzoekers wilden weten wat er gebeurt met een strak georganiseerde insectensamenleving als boven en onder ineens verdwijnen. Ze volgden de bouwdrift, maar ook alledaagse zaken als voedselbeheer, temperatuurregeling en het werk van de koningin, die tijdens de vlucht 35 eieren legde. Hoeveel van het gedrag van dieren blijkt eigenlijk afhankelijk van zwaartekracht?

Een kast die ook ondersteboven werkte

De bijen reisden in een speciaal ontworpen module, de zogeheten Bee Enclosure Module (B.E.M.), met een frame waarop ze hun raat konden vastmaken. Zonder zwaartekracht raakten veel werksters in het begin de weg kwijt, waardoor ze opstegen en vervolgens tegen de wanden van hun verblijf botsten.

Dat probleem hield niet lang stand. Tegen het einde van de vlucht bewogen veel bijen al doelgericht van plek naar plek, zonder steeds tegen het plafond te knallen. Ze behandelden elke wand aanvankelijk als mogelijke grond, maar pasten hun vlieggedrag snel aan.

De zeshoeken werden kleiner en steviger

De werksters bouwden tijdens de vlucht 200 cm² honingraat. Dat is ongeveer het oppervlak van een flinke ansichtkaart, en voor een kolonie die net had geleerd te vliegen zonder boven of onder is het een serieuze prestatie.

De raat leek nog steeds op de bekende zeshoekige structuur uit een gewone bijenkast. Alleen waren de cellen gemiddeld smaller en hadden ze dikkere wanden; de diepte bleef ongeveer gelijk aan die van cellen op aarde.

  • De bijen sloegen suikersiroop op in een deel van de nieuwe cellen.
  • Een controlegroep in een identieke kast op aarde had bij de eerste controles nog geen zichtbare raat gebouwd.
  • De bouw ging in microzwaartekracht opvallend vlot van start.

Goed om te weten
Microzwaartekracht betekent niet dat er helemaal geen zwaartekracht is. In een baan om de aarde vallen shuttle en inhoud voortdurend samen rond de aarde, waardoor alles aan boord gewichtloos lijkt.

De sociale regels bleven gewoon overeind

Een bijenvolk is meer dan een bouwploeg. De kolonie ventileerde de module om temperatuur en luchtvochtigheid te regelen, verdeelde water, nectar en pollen, en bracht dode soortgenoten naar een apart compartiment buiten het leefgedeelte.

Van de 3.301 dieren overleden er tijdens de missie ongeveer twintig. Dat gold als een normale uitval voor een kolonie, in een omgeving die allesbehalve normaal was. De koningin bleef eieren leggen, maar na terugkeer kwam geen enkel ei uit.

bijen in een ruimtestation

De bijen in hun ruimteverblijf. Foto: NASA

Challenger had ondertussen een volle werkagenda

De bijenkast vloog mee met de spaceshuttle Challenger, waar vijf astronauten bijna 7 dagen rond de aarde cirkelden, precies 6 dagen, 23 uur en 40 minuten. De missie bracht ook de Long Duration Exposure Facility in positie, een groot platform voor materiaalproeven in de ruimte.

Het idee voor het bijenexperiment kwam van Dan Poskevich, destijds student aan het Tennessee Technological Institute (nu Tennessee Tech University) in Cookeville. Een vertraging in het werkprogramma gaf de bemanning een extra dag om de insecten te bekijken, terwijl elders in de shuttle de robotarm en een manoeuvreerstoel voor ruimtewandelingen werden ingezet.

Wat een kleine kast ons over ruimtebiologie vertelt

De proef liet zien dat collectief gedrag niet volledig leunt op zwaartekracht. De bijen hielden hun voedselbeheer en klimaatregeling draaiend en bouwden functionele raat, al veranderde de vorm van de cellen wel.

Bijen maken zichtbaar hoe een groep reageert als een basisregel van het leven op aarde wegvalt, terwijl je tegelijk bouwgedrag, voortplanting en zorg voor de kolonie kunt volgen.

De belangrijkste openstaande kwestie bleef de ontwikkeling van de eieren, want waarom er na de landing geen larven uitkwamen, is nooit vastgesteld. Een volgend experiment met een complete ontwikkelingscyclus zou dat gat kunnen dichten.