Eneco-ceo Martijn Hagens ziet een gebrek aan economische groei in Europa als het kernprobleem achter de haperende energietransitie. Dat gebrek maakt het niet alleen lastig om de welvaart op peil te houden, maar zorgt er ook voor dat de vraag naar groene stroom nauwelijks meegroeit met het aanbod. Het lijkt vooral op een remedie die erger is dan de kwaal.

eneco als sloper van duurzaamheid

Eneco-ceo Martijn Hagens, die pas vijf maanden aan het roer staat bij Eneco na jarenlang leiding te hebben gegeven aan Vattenfall Nederland, erkent tegen het FD dat de energietransitie complexer blijkt dan hij een paar jaar geleden nog dacht. Eneco moet daarom zijn duurzame ambities bijstellen: het bedrijf wilde in 2035 volledig klimaatneutraal zijn en had stevige doelen op het gebied van biodiversiteit en circulariteit, maar wat daar concreet aan gaat veranderen, kan pas eind dit jaar bekend worden gemaakt.

Windparken als uitdaging

Voor windparken op zee blijven de marktomstandigheden uitdagend. De bouw- en ontwikkelkosten zijn de afgelopen jaren fors gestegen, mede doordat Europa er niet in slaagt dezelfde schaalvoordelen te creëren als bijvoorbeeld China, waar op grote schaal identieke windmolens worden geproduceerd. Ook wisselende overheidseisen per tenderronde maken het voor ontwikkelaars lastig. Toch ligt er nu tot €9,5 miljard aan subsidie klaar voor twee nieuwe parken, nadat een vorige tenderronde geen enkel bod opleverde — al is Eneco nog niet zeker of het zelf gaat meebieden.

De grootste uitdaging is volgens Hagens niet het aanbod, maar de vraag naar groene stroom. Doordat het elektriciteitsverbruik in Nederland al jaren stabiel is terwijl er veel zonne- en windenergie is bijgekomen, zijn de stroomprijzen steeds vaker negatief op momenten dat het hard waait of de zon volop schijnt. Dat maakt het voor windparkexploitanten lastig om geld te verdienen. Om die vraag aan te jagen, ziet Hagens twee sporen: de industrie moet sneller verduurzamen, eventueel met steun om het prijsverschil met energie in Amerika en Azië te verkleinen, en Europa moet fors investeren in rekenkracht en datacenters. Dat laatste noemt hij zelf geen populair standpunt, gezien de lokale weerstand tegen datacenters en hun hoge energiegebruik, maar volgens hem is het noodzakelijk om niet achter te blijven bij de VS en China.

Hagens benadrukt bovendien dat geen enkele vorm van energieopwekking zonder overheidssteun kan, van windparken tot warmtenetten, groene waterstof en kernenergie. Zelfs voor gascentrales werkt het kabinet inmiddels aan een steunmechanisme om ze open te houden voor momenten dat zon en wind tekortschieten. Hagens verwacht dat gascentrales nog lang een rol blijven spelen omdat ze, in tegenstelling tot kerncentrales, flexibel op- en afgeschaald kunnen worden. Hij pleit ervoor om de laatste procenten gasgebruik ook na de beoogde COâ‚‚-neutrale elektriciteitssector van 2035 nog even te laten bestaan, en sluit niet uit dat er zelfs nieuwe, kleinere gascentrales bij moeten komen, verspreid door het land, om ook netcongestie tegen te gaan. Eneco heeft hierover al afspraken gemaakt met Tennet om twee kleinere gascentrales in Utrecht langer open te houden.

En warmtenetten dan?

Een andere manier om het overbelaste stroomnet te ontlasten is een snellere uitrol van warmtenetten, maar die ligt vrijwel stil sinds de Tweede Kamer in 2025 een nieuwe warmtewet aannam die voorschrijft dat warmtenetten voor meer dan de helft in publieke handen moeten zijn. Voor bedrijven als Eneco is het daardoor niet meer aantrekkelijk om als minderheidsaandeelhouder grote warmtenetten te exploiteren. Eneco onderzoekt al langere tijd of het zijn warmtebedrijf kan verkopen aan een publieke partij, maar die gesprekken verlopen moeizaam doordat onduidelijk is tegen welke prijs zo’n net gewaardeerd moet worden en of publieke partijen wel voldoende geld hebben. Hagens vindt de trage voortgang van dit traject een slechte zaak, zowel voor Eneco als voor Nederland, en waarschuwt dat een eerlijke financiële regeling hoort bij wat feitelijk een gedwongen verkoop van de warmtenetten is.

Verdienen aan het ziek houden van een patient

De visie van Hagens kan voor economen aannemelijk klinken, voor mensen die verder kijken klinkt het als een gotspe. Want ze gaat er volledig aan voorbij dat de energietransitie noodzakelijk is vanwege de schade aan het klimaat, die op haar beurt juist door economische groei en consumentisme wordt aangedreven. Natuurlijk zal de stroomprijs omhoog gaan als de vraag toeneemt, maar daarmee nemen de problemen en de kosten van de schade die ze veroorzaakt alleen maar verder toe. Die kosten dragen wel weer bij aan de economische groei. Zo wordt de dokter rijk door het ziek houden van de patient. Bedankt, Eneco.