Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

Naast marinebasis Olenya Bay ligt Nezametnaya Cove, een inham waar afgedankte onderzeeërs naartoe werden gesleept. Dat begon in de jaren zeventig; hoeveel wrakken er nu nog liggen, is onduidelijk.

onderzeeer voor de sloop

Een oude onderzeeër uit de tijd van de Koude Oorlog, rijp voor de sloop. Foto: iStock – Adrian Wojcik

Een oude auto gaat naar de sloop, maar waar laat je een onderzeeër die niet meer vaart? In de Russische Nezametnaya Cove werden in 2008 twee wrakken geïdentificeerd als de voormalige K-102 en BS-110. Die inham is één plek op het Kola-schiereiland waar afgedankt militair materieel achterbleef: volgens milieuorganisatie Bellona waren in 1998 al 88 onderzeeërs van de Noordelijke Vloot uit dienst genomen en lagen afgedankte vaartuigen verspreid over meerdere locaties.

De rompen bleven liggen toen de werven vastliepen

De plek ligt binnen de poolcirkel, vlak bij Gadzhiyevo. Dat is een gesloten marinestad in de regio Moermansk. Een onderzeeër uit de vaart halen was één ding; hem ook uit elkaar halen kostte tijd. De scheepswerven konden dat werk niet bijbenen, waardoor afgedankte boten naar de naburige inham werden gesleept.

Daar bleven ze liggen terwijl de rompen langzaam achteruitgingen. Er kwamen ook meldingen van meer wrakken in de bredere kreek. Voor Nezametnaya Cove ontbreekt een recente telling van de achtergebleven onderzeeërs.

Goed om te weten Gadzhiyevo ligt op het Kola-schiereiland, in het noordwesten van Rusland. Severodvinsk, een andere plaats waar afgedankte onderzeeërs lagen, ligt daar niet.

Het Sovjetverleden paste niet op de werf

De omvang van de klus werd na het einde van de Koude Oorlog duidelijk. Begin jaren negentig begon de ontmanteling van 120 kernonderzeeërs die vanuit bases op het Kola-schiereiland hadden gevaren. Bellona schatte later dat Rusland vóór 2000 circa 150 kernonderzeeërs moest ontmantelen. Elk van die boten had twee reactoren.

In 1998 waren in heel Rusland meer dan 130 kernonderzeeërs uit dienst genomen. Ze lagen onder meer in Severodvinsk en op negen locaties op het Kola-schiereiland. Dat cijfer gaat dus over een veel groter gebied dan de inham bij Olenya Bay.

Gremikha laat zien wat er op één zo’n basis kon blijven liggen. Daar telde Bellona in 2003 zeventien afgedankte kernonderzeeërs met samen 34 reactoren. Actieve onderzeeërs waren toen al niet meer op de basis gestationeerd, maar de afgedankte vaartuigen moesten nog worden aangepakt.

Opruimen betekent ook veilige opslag regelen

Voor de ontmanteling kwam technische en financiële hulp van onder meer Noorwegen en de Europese Unie. Vanaf 2003 werd in Saida Bay met Duitse technologie en financiering een opslagterrein gebouwd voor rompen en reactorcompartimenten van ontmantelde onderzeeërs. Na het slopen moest er namelijk ook een plek zijn voor wat overbleef.

Volgens de Russische nucleaire organisatie Rosatom waren in december 2024 in totaal 202 kernonderzeeërs ontmanteld binnen een opruimprogramma voor de Arctische wateren en het Russische Verre Oosten. Dat is geen telling van wrakken uit Nezametnaya Cove. Het cijfer beschrijft het veel grotere programma waarvan de bases op Kola deel uitmaken.

Op Gremikha werd na meer dan tien jaar werk de gebruikte splijtstof uit de reactoren verwijderd. Voor de Russische Barentszee bleef daarna nog Andreeva Bay over als opslaglocatie waar splijtstof moet worden weggehaald. Daarvan was in december 2024 al meer dan de helft verwijderd.

Wat op de zeebodem ligt, wacht nog steeds

Ontmanteling op land lost niet alles op. Bellona meldde in 2023 dat er plannen waren om opzettelijk afgezonken radioactief afval uit de Arctische zeeën te bergen. Daaronder vallen twee complete kernonderzeeërs. Het gaat om afval dat over een periode van meer dan een halve eeuw in zee terechtkwam, niet om een vastgestelde telling van de wrakken in Nezametnaya Cove.

Die bergingsplannen kwamen volgens Bellona stil te liggen door de oorlog in Oekraïne. Noorwegen en de Europese Unie hadden eerder technische en financiële hulp geboden bij de ontmanteling van onderzeeërs.

Over de studie

Bellona werkte in 1996 aan een rapport over de marinebases en het bredere ontmantelingsprogramma. Rosatom meldde in december 2024 de voortgang van dat programma. Aan het rapport van Bellona werkte Alexander Nikitin mee, voormalig kapitein van de Noordelijke Vloot.