Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

Vooral kleine reservoirs staan onder druk: 58,6 procent kan tegen 2060 onbruikbaar worden. Onderzoekers van het Nanjing Institute of Geography and Limnology, onder leiding van Kai Liu, pleiten daarom voor een andere aanpak van sediment.

Sediment dat zich ophoopt in een reservoir.

Stuwmeer met aanzienlijke sedimentophoping en lage waterstanden, waarbij bruine sedimentafzettingen zichtbaar zijn naast resterende waterplassen in het reservoir. Beeld: Newsroom | Bureau of Reclamation.

Stuwmeren lijken onverwoestbare buffers voor droge tijden, landbouw en energie, maar onder water stapelt zich een groeiend probleem op: sediment. Een internationale studie, op 5 juli 2026 gepubliceerd in Nature Sustainability, berekent dat reservoirs wereldwijd gemiddeld 7,3 procent van hun opslagcapaciteit per decennium verliezen. Dat raakt waterbeschikbaarheid, de veiligheid van dammen en de werking van waterkrachtcentrales, zeker nu bosbranden en extreme regen meer grond en puin richting rivieren sturen. Waterbeheer houdt niet op bij dijken, stuwen en reservoirs: ook wat zich op de bodem ophoopt, bepaalt hoeveel speelruimte er nog is.

De bodem vreet de watervoorraad op

In reservoirs belanden elk jaar miljoenen tonnen aarde, slib en stenen. Dat materiaal neemt de plek in waar eigenlijk water voor irrigatie, drinkwater en droge maanden moet liggen. Bij ongeveer één op de vijf reservoirs is die ophoping nu al een serieus probleem.

Het gaat daarbij vaak om dammen die weinig aandacht krijgen, terwijl juist zulke installaties lokaal onmisbaar zijn. Grote bouwwerken als de Drieklovendam springen in het oog, maar veel getroffen reservoirs zijn veel kleiner en liggen in droge gebieden waar een beperkt waterbekken een hele streek draaiende houdt.

Goed om te weten
Een dam is ontworpen om de druk van water op te vangen. Samengeperst sediment kan een veel grotere mechanische druk op de damwand zetten.

Grote dammen blijven ook niet buiten schot

De studie van het Nanjing Institute of Geography and Limnology, onderdeel van de Chinese Academy of Sciences (CAS), rekent voor dat 38,1 procent van de grote reservoirs tegen 2060 buiten gebruik kan raken. Bij kleine reservoirs loopt dat aandeel nog verder op, waardoor vooral gebieden met beperkte alternatieven voor wateropslag kwetsbaar zijn.

Als het sedimentbeheer de komende twintig jaar niet flink verbetert, komt de watervoorziening van ongeveer 2 miljard mensen onder druk te staan. Dan gaat het om water voor huishoudens, landbouw en voedselproductie, precies de functies waarvoor reservoirs ooit zijn aangelegd.

Waterbeheerders rekenen bij droogte op stuwen en bekkens om water langer vast te houden, maar die buffer krimpt ongemerkt zodra de bodem steeds hoger komt te liggen.

Modder kan ook turbines stilzetten

Sediment blijft niet netjes op de bodem liggen. Het kan in schuiven, leidingen en turbines terechtkomen, waardoor waterkrachtcentrales minder goed werken of zelfs vastlopen. Dat raakt de elektriciteitsproductie juist op momenten dat water schaars is.

Bosbranden maken de aanvoer van modder bovendien groter. Ze vernietigen planten die grond normaal vasthouden, waarna extreme regen kale hellingen kan wegspoelen en grote hoeveelheden materiaal rechtstreeks naar een reservoir voert.

  • De opslagruimte voor drinkwater en irrigatie neemt af.
  • De druk op damwanden loopt op door compact sediment.
  • Slijtage en verstopping bedreigen turbines, kleppen en leidingen.

Van bouwen naar onderhoud

Het team van Kai Liu van het Nanjing Institute of Geography and Limnology pleit voor een omslag, waarbij bestaande reservoirs langer bruikbaar moeten blijven, in plaats van dat nieuwe dammen steeds het standaardantwoord zijn. Herbebossing en herstel van vegetatie in stroomgebieden kunnen grond al tegenhouden voordat die de rivier bereikt.

In het reservoir zelf kan slib worden weggepompt en afgevoerd. Dat werkt, maar kost veel energie en geld. Een andere optie is tijdens hoogwater de onderste schuiven tijdelijk openzetten, zodat troebel water met sediment doorstroomt.

Die gecontroleerde lozingen hebben echter ook een keerzijde, want het slib kan stroomafwaarts ecosystemen vervuilen en beschadigen, dus beheerders moeten goed afwegen wanneer en hoeveel water zij doorlaten.

Ook voor Nederland zit de les bovenstrooms

Nederland heeft geen bergachtige stuwmeren zoals veel andere landen, maar kent wel stuwen, waterkeringen en een dicht netwerk van rivieren en kanalen. Sediment hoort daar bij het dagelijkse waterbeheer, zeker nu piekbuien vaker grote hoeveelheden grond en puin kunnen verplaatsen.

Wie water langer wil vasthouden voor droge perioden, moet ook ruimte reserveren voor sediment, onderhoud en natuurherstel in het hele stroomgebied.

Voor sterk verouderde dammen blijft soms maar één optie over, namelijk ontmanteling. Daarmee krijgt een rivier weer meer ruimte om vrij te stromen en kan de ecologische verbinding langs de waterloop herstellen.