• Service
  • Over ons
  • Vacatures
  • Contact
  • Ledeninfo
Duurzaamnieuws
  • Home
  • Nieuws
  • Inzicht
  • Opinie
  • Klimaat
  • Voor de Toekomst
  • Economie
  • Kantelpunten
  • Verkiezingen
    • Kieswijzers gemeenteraad 2026
    • Peilingen: coalitie D66, VVD en CDA in duikvlucht
    • StemWijzer en andere kieswijzers voor de Tweede Kamerverkiezingen 2025
  • Boeken
  • Auteurs
    • Peter van Vliet
    • Jac Nijssen
    • Han Blok
    • Jan Torringa
    • Huib Stam
    • Gastauteurs
  • Klik om het zoekinvoerveld te openen Klik om het zoekinvoerveld te openen Zoek
  • Menu Menu

Waarom vertrouwt Nederland de Haagse politiek niet meer?

12 mei 2026|doorredactie|indemocratie, maatschappij

Nog maar één op de vijf Nederlanders heeft vertrouwen in de politiek, horen we van het CBS. Dat is het laagste punt sinds de metingen begonnen in 2012. Maar hoe is het zover gekomen? Ligt het aan het volk, of aan een mismatch met de beschikbare groep die het volk zou behoren te vertegenwoordigen? Hoe dan ook, zonder vertrouwen kan de democratie niet functioneren. We duiken er een spade dieper in.

Het vertrouwen in politici en de Tweede Kamer bevond zich in 2025 op het laagste niveau ooit gemeten. Slechts 21 procent van de Nederlanders heeft nog veel of tamelijk veel vertrouwen in politici, en voor de Tweede Kamer is dat 25 procent. Tegelijk vertrouwen mensen de gemeenteraad, ambtenaren en de EU nog redelijk. Het wantrouwen richt zich dus specifiek op Den Haag. Waarom?

Het CBS gaat vooral in op de samenstelling van de verschillende groepen met verschillend vertrouwen in de politiek.

Zou houdt leeftijd het sterkst verband met iemands vertrouwen in de politiek. Het CBS concludeerde in 2010 ook al dat jongeren (en mensen met een hbo- of wo- diploma) meer dan andere groepen vertrouwen hebben in de EU. Dat suggereert dat het niet gaat om generatieverschillen, maar om een leeftijdseffect: het vertrouwen neemt af naarmate mensen ouder worden en dus meer ervaring hebben met politiek.

Ook zijn er relatief grote verschillen in politiek vertrouwen tussen de verschillende onderwijsniveaus. Deze verschillen zijn de afgelopen jaren ook nog groter geworden: in 2016 zat er nog een verschil van 25 procentpunt tussen de niveaus met het meeste en minste vertrouwen, in 2025 was dat 32 procentpunt. Maar de echte vraag, waarom, wordt daar niet mee beantwoord. Ook politieke peilingen geven daar geen antwoord op.

De coronabonus werd snel opgesoupeerd

Het is ironisch: het vertrouwen in de politiek was nog nooit zo hoog als in april 2020. Aan het begin van de coronacrisis nam het vertrouwen sterk toe. Leiderschap, eenheid en daadkracht werden vaak genoemd als redenen. In april 2021 was het vertrouwen echter sterk afgenomen: slechts 46 procent gaf de regering nog een voldoende, terwijl dat in oktober 2020 nog 66 procent was. De crisis bracht mensen samen achter de overheid, maar zodra de acute dreiging wegebde, bleek die eenheid broos. Politieke ruzies, formatieperikelen en schandalen kwamen terug met volle kracht.

De wond van de toeslagenaffaire blijft open

Als er één moment is aan te wijzen waarop het vertrouwen echt knapte, is het de toeslagenaffaire. Het ontbreken van de menselijke maat en het wantrouwen van de overheid tegenover burgers vormen de kern van wat er misging. Juist het gevoel niet gehoord te worden is een van de belangrijkste redenen waarom het vertrouwen in de politiek onder druk staat. Tienduizenden gezinnen werden jarenlang fout behandeld door een systeem dat hen als fraudeur beschouwde. En daarna? Jaren van trage afhandeling, politieke verantwoordingsdebatten die nergens toe leidden, en het gevoel dat niemand écht gestraft werd. Volgens het SCP hebben zowel de moeizame start van de formatie als de politieke nasleep van de toeslagenaffaire invloed gehad op het vertrouwenscijfer.

Problemen stapelen zich op, oplossingen blijven uit

Kiezers met weinig vertrouwen in de politiek noemen immigratie en asiel (68%) en de woningmarkt (64%) als de voornaamste redenen. Onvrede over de woningmarkt is daarbij gelijk verdeeld over het hele politieke spectrum. Dat laatste is veelzeggend: de woningnood raakt iedereen, van PVV-stemmer tot GroenLinks-kiezer. Jongeren die nooit een betaalbare woning kunnen vinden, ouders die hun kinderen zien vertrekken naar het buitenland, zij zien al jaren dat politici het probleem erkennen maar niet oplossen. Drie op vier kiezers zonder vertrouwen vinden dat de politiek problemen niet oplost en vooral met zichzelf bezig is. Dat is een hard oordeel, maar niet uit de lucht gegrepen.

De kloof groeit

Het dalende vertrouwen treft niet iedereen gelijk. De verschillen in vertrouwen tussen onderwijsniveaus zijn in de periode 2016–2025 groter geworden. Wie hoger opgeleid is, heeft gemiddeld meer vertrouwen in politieke instituties. Er zijn grote verschillen in vertrouwen tussen mensen die goed kunnen meekomen in de samenleving en mensen die achterblijven. Dat maakt vertrouwen een potentiële splijtzwam in de samenleving, aldus het SCP. De regio speelt ook mee: in Oost-Groningen heeft slechts 31 procent van de inwoners vertrouwen in politieke instituties, terwijl dat in gebieden rondom Den Haag op 45 procent ligt. Het zijn precies de gebieden die zich al decennia vergeten voelen — door gasboringen, krimp, slechte bereikbaarheid — die het minst vertrouwen hebben in de mensen die over hen beslissen.

Een Kamer vol diploma’s, maar wie vertegenwoordigt wie?

Er is nog een dimensie die zelden hardop wordt uitgesproken, maar die steeds meer onderzoekers zorgen baart: de Tweede Kamer lijkt steeds minder op het volk dat ze geacht wordt te vertegenwoordigen.

Vroeger zaten er nog geregeld praktisch geschoolde mensen in de Tweede Kamer, waaronder bouwvakkers, technici en secretaressen. Maar inmiddels is het aandeel theoretisch opgeleiden in de Kamer opgelopen tot ruim 95 procent, terwijl dit in de samenleving als geheel ongeveer een derde is.

Bestuurskundige Mark Bovens van de Universiteit Utrecht noemt dit de “diplomademocratie“: een parlement dat volledig gedomineerd wordt door theoretisch opgeleiden, en daarmee zijn functie als volksvertegenwoordiging dreigt te verliezen. “De Kamer is in de eerste plaats een volksvertegenwoordiging en moet een afspiegeling zijn van het volk. Burgers moeten zich kunnen herkennen in de volksvertegenwoordiging”, stelt hij. Juist die herkenning is de afgelopen decennia enorm scheefgegroeid.

Dat heeft gevolgen die verder gaan dan symboliek. Onderzoek over langere tijd laat zien dat de Tweede Kamer veel vaker de voorkeuren van theoretisch opgeleiden volgt dan die van praktisch opgeleiden. De voorkeuren van praktisch opgeleiden worden vooral gevolgd als die overeenkomen met de voorkeuren van theoretisch opgeleiden. Met andere woorden: wie geen academisch diploma heeft, telt in de praktijk minder mee.

Een schandaal als de toeslagenaffaire was eerder opgemerkt als er meer praktisch geschoolden in het parlement hadden gezeten. Dat dit pas zo laat geagendeerd werd in de Tweede Kamer heeft er onder anderen mee te maken dat veel Kamerleden weinig praktisch opgeleiden in hun eigen sociale cirkel hebben. Die blindheid is geen kwaad opzet, maar het resultaat van een omgeving die te eenzijdig is samengesteld.

Betekent dit dan dat hoogopgeleide politici slechter zijn? Niet per se. Amerikaans onderzoek van Carnes en Lupu toont aan dat universitair geschoolde leiders over een breed palet van maatstaven ongeveer hetzelfde of zelfs slechter presteren dan leiders met een meer praktische opleiding. Politici met een universitair diploma zorgen niet voor meer welvaart, krijgen niet meer wetten erdoorheen, en zijn niet minder corrupt. Een diploma is geen garantie voor goed bestuur.

De universiteit biedt immers geen vakopleiding voor politici en bestuurders. Politiek is een ambacht dat in de praktijk moet worden geleerd, en dat geldt evenzeer voor academici als voor wie een andere opleiding heeft gevolgd. Het probleem is dus niet dat er te veel slimme mensen in de Kamer zitten, maar dat de samenstelling te smal is om de volle breedte van de samenleving te begrijpen en te bedienen.

Zoals commentator Pieter Derks het formuleerde: “25 Kamerleden zonder hbo- of universitair diploma moeten twee derde van de Nederlanders vertegenwoordigen. Politiek gaat om keuzes maken, om idealen. Niet elk probleem is theoretisch op te lossen. Een praktische benadering is net zo waardevol als een academische.”

Zolang grote groepen Nederlanders zich niet herkennen in de mensen die over hen beslissen, zal het vertrouwen blijven haperen. Dat is geen kwestie van diploma’s, maar van afstand. En die afstand is meetbaar, voelbaar, en politiek gezien gevaarlijk.

De minister als generalist: professional of stagiair?

Er is nog een andere kant aan het verhaal, en die raakt misschien nog directer aan het gevoel van onbehagen dat veel mensen hebben. Want niet alleen de Tweede Kamer is eenzijdig samengesteld, ook het kabinet zelf roept steeds vaker de vraag op of de juiste mensen op de juiste plek zitten.

Stef Blok ging van minister van Wonen en Rijksdienst naar Veiligheid en Justitie, vervolgens naar Buitenlandse Zaken en daarna naar Economische Zaken. Dat is geen uitzondering, het is de norm. Ministers worden tijdens de formatie aangesteld op basis van partijpolitieke verhoudingen, beschikbaarheid en coalitierekenkunde, niet primair op grond van kennis van het beleidsterrein waarover ze straks beslissen.

Verdere eisen stelt de Grondwet niet aan de benoeming van ministers. Er wordt niets gezegd over de vereiste kennis, ervaring of deskundigheid. De enige formele screening gaat over een strafblad, belastinggedrag en AIVD-dossiers. Of iemand iets weet van onderwijs, volksgezondheid of infrastructuur doet kennelijk niet ter zake.

Het gangbare verweer is dat ministers geen vakspecialisten hoeven te zijn omdat ze daarvoor ambtenaren hebben. Critici stellen echter dat politieke ministers de link missen met wat er in de praktijk op de werkvloer aan de hand is, met weinig oog voor het gat tussen beleidsvorming en uitvoering. Dat is een in toenemende mate breed gedeelde zorg na de toeslagenaffaire. Precies dat gat tussen wat op papier wordt besloten in Den Haag en wat mensen in de praktijk ervaren, is een van de diepste bronnen van wantrouwen.

Er heerst een tendens waarbij het niet belangrijk of zelfs schadelijk wordt gevonden als bestuurders en beslissers inhoudelijke kennis van zaken hebben, en waardoor inhoudelijke kennis bij de overheid verdampt. Dat is een opmerkelijke ontwikkeling: in vrijwel iedere andere sector is domeinkennis een basisvereiste voor een leidinggevende functie. Een ziekenhuisdirecteur hoeft geen chirurg te zijn, maar van een minister van Volksgezondheid mag je verwachten dat hij of zij weet hoe een zorgketen werkt.

Historisch was dat vanzelfsprekender. Tot 1948 waren vrijwel alle ministers van Buitenlandse Zaken diplomaten, en voor Oorlog en Marine werden meestal officieren benoemd. Ook op Waterstaat kwam vrijwel altijd een minister met specifieke waterstaatkundige kennis. Dat idee dat je de beste persoon voor de functie kiest is gaandeweg verdrongen door het idee dat politieke loyaliteit en bestuurlijk talent voldoende zijn.

Het ministerschap is geen werkervaringsplaats, schreef De Correspondent al in 2022, maar in de praktijk functioneert het soms precies zo. Nieuwe bewindslieden worden ingewerkt door het ambtelijk apparaat, leren het dossier kennen terwijl de problemen al wachten, en zijn vaak nog nauwelijks op snelheid als de volgende formatieronde alweer begint.

Daarin schuilt een paradox. De Tweede Kamer bestaat voor 95 procent uit hoogopgeleiden, maar de kennis die ontbreekt is niet academisch — het is de praktische, sectorspecifieke kennis die je opbouwt door jarenlang in een vakgebied te werken. Een jurist die nooit in een klas heeft gestaan, beslist over onderwijsbeleid. Een politicoloog zonder bouwervaring gaat de woningcrisis oplossen. Het is geen kwestie van intelligentie, maar van afstand tot de werkelijkheid waarover wordt beslist.

En die afstand voelen mensen. Niet als abstracte institutionele kritiek, maar als een concreet gevoel: ze begrijpen niet waar ik het over heb, en ze hoeven de gevolgen van hun besluiten zelf nooit te dragen.

Geen vertrouwenscrisis, maar een betrouwbaarheidscrisis

Het SCP formuleerde het vorig jaar scherp: er is niet zozeer sprake van een vertrouwenscrisis, maar van een betrouwbaarheidscrisis. Het lage vertrouwen van burgers in de nationale politiek is het gevolg van het disfunctioneren van de politiek zelf. Dat onderscheid is belangrijk. Een vertrouwenscrisis klinkt als een perceptieprobleem dat je kunt oplossen met betere communicatie. Een betrouwbaarheidscrisis is iets anders: het betekent dat de politiek eerst zelf iets moet veranderen voordat burgers haar weer serieus nemen. Betere verhalen helpen niet als de problemen blijven bestaan.

Wat nu?

In 2024 zagen we nog een korte opleving: na het aantreden van het kabinet-Schoof had 44 procent van de Nederlanders vertrouwen in de landelijke politiek. Lager opgeleiden, die relatief vaak op coalitiepartijen als PVV en BBB hadden gestemd, hoopten op een nieuwe wind. Die hoop vervloog snel. In 2025 zakte het vertrouwen opnieuw naar historische dieptepunten.

De les is simpel, al is de uitvoering dat niet: mensen geven de politiek vertrouwen als ze zien dat beloften worden nagekomen, dat schandalen eerlijk worden afgehandeld, en dat hun problemen serieus worden genomen. Zolang dat niet gebeurt, zijn mooie woorden uit Den Haag weinig waard.

duurzaam nieuws en duurzame informatie op mastodon
  • Link naar Facebook
  • Link naar LinkedIn
  • Link naar Mail

Blijf op de hoogte met de nieuwsbrief. Meld je hier aan.

( Je kunt ons ook steunen door lid te worden of te doneren )

Nieuws

  • fiches
    Als de beurs een casino wordt en jouw pensioen speelt mee13 mei 2026 - 11:09
  • chinese influencer
    China pakt extreme luxe-influencers aan; goed nieuws voor duurzaamheid?12 mei 2026 - 17:49
  • aardgas bevat benzeen
    Groot verschil in energiekosten huishoudens bij Europese CO2-beprijzing12 mei 2026 - 09:19
  • muizen bron van hantavirus
    Het hantavirus en klimaatverandering: wat je echt moet weten over de risico’s11 mei 2026 - 10:50
  • ccs
    Hoe CO2 van afval een grondstof kan worden11 mei 2026 - 10:12

Inzicht

  • Waarom vertrouwt Nederland de Haagse politiek niet meer?12 mei 2026 - 14:20
  • praten over het klimaat
    Over klimaatverduistering en symptomen van de nieuwe crisis24 april 2026 - 13:58
  • verbindend verhaal
    Duurzaamheid als verbindend verhaal en als levensbeschouwing20 april 2026 - 11:21

Opinie

  • waarden van de wereld
    Wat is de wereld nog waard?23 december 2025 - 15:13
  • orkaan
    De klimaatdiscussie nadert de gloeiende kern16 oktober 2025 - 09:31
  • elektriciteitsnet
    Innovatieve bedrijven de dupe van netcongestie: een dubbele verliespost voor Nederland28 april 2025 - 11:26

Duurzaamnieuws wordt mede mogelijk gemaakt door:

Energie vergelijken bij Easyswitch
Energie vergelijken

Service

  • Gratis nieuwsbrief
  • Lid worden
  • Doneren
  • Privacy policy
  • Blog
  • Mastodon

Rubrieken

  • Nieuws
  • Inzicht
  • Opinie
  • Info

Onderwerpen

  • Energie
  • Economie
  • Klimaat
  • Voeding
  • Hormoonverstoorders
  • Kantelpunten
  • Corona

Creative Commons-Licentie

CC uitsluitend van toepassing op tekst redactie. Overige content alle rechten voorbehouden aan auteurs / producenten.

Duurzaamnieuws, nieuws over duurzaamheid

is een uitgave van stichting iNSnet.

duurzaam nieuws en duurzame informatie op mastodon
duurzaam nieuws en duurzame informatie op facebook
duurzaam nieuws en duurzame informatie op twitter
duurzaam nieuws en duurzame informatie op rss
Link naar: Groot verschil in energiekosten huishoudens bij Europese CO2-beprijzing Link naar: Groot verschil in energiekosten huishoudens bij Europese CO2-beprijzing Groot verschil in energiekosten huishoudens bij Europese CO2-beprijzing aardgas bevat benzeen Link naar: China pakt extreme luxe-influencers aan; goed nieuws voor duurzaamheid? Link naar: China pakt extreme luxe-influencers aan; goed nieuws voor duurzaamheid? chinese influencer China pakt extreme luxe-influencers aan; goed nieuws voor duurzaamheid?
Scroll naar bovenzijde Scroll naar bovenzijde Scroll naar bovenzijde

Cookies en privacy

Om de privacy van de gebruikers van Duurzaamnieuws.nl zo goed mogelijk te beschermen plaatsen we geen tracking cookies op de site. Meer over cookies en privacy vind je in ons privacy reglement.

Privacy verklaring
Sluiten