Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google
Het middeleeuwse Westende lag op Testerep, tot stijgende zeespiegel en afbrokkelende duinen het eiland en zijn dorpen opslokten. De geschiedenis achter het huidige Westende laat zien hoe snel een kustlijn haar bewoners kan dwingen te verhuizen.
Duinen langs de Noordzeekust, waar de zee hele dorpen opslokte. Foto: iStock – SL_Photography
Wie vandaag langs de Belgische kust wandelt, ziet een landschap dat met dijken en appartementen stevig op zijn plek lijkt te liggen. Op 22 januari 1394 sloeg de Sint-Vincentiusstorm de duinen bij het middeleeuwse Oostende, aan de oostkant van Testerep, grotendeels stuk. Ook het middeleeuwse Westende aan de andere kant van dat eiland verdween uiteindelijk uit beeld, waarna de plaatsen verder landinwaarts opnieuw werden opgebouwd. Het huidige Westende werd pas tijdens de Eerste Wereldoorlog verwoest; dit verhaal gaat over zijn middeleeuwse voorganger, die de zee niet kon bijhouden.
Een eiland met drie dorpen
Testerep was ooit een langgerekte strook land voor de kust, met Westende aan de westkant, Middelkerke in het midden en Oostende aan de andere kant. De nederzettingen ontstonden tussen de 11de en 13de eeuw, toen het eiland nog genoeg duinen en zand had om bewoning mogelijk te maken.
Dat landschap hield niet stand. In de 15de en 16de eeuw braken getijden en stormen steeds grotere stukken af, totdat het noordelijke deel van Testerep onder water verdween. Alleen het zuidelijke deel kwam na inpoldering weer bij het vasteland te liggen.
De kust was al eerder zwaar geraakt
De Sint-Vincentiusstorm was niet de eerste klap voor de bewoners. De Sint-Clemensvloed van 23 november 1334 had het middeleeuwse Oostende al zwaar getroffen.
Oostende is het best gedocumenteerde deel van Testerep, maar Westende en Middelkerke deelden hetzelfde lot. De kust verloor eeuwenlang stukje bij beetje grond, totdat hele dorpen niet meer te redden waren.
De Wadden, maar dan verdwenen
Testerep begon als een barrière-eiland: een zandrug die de kust tegen de zee afschermde. Je kunt het vergelijken met de huidige Nederlandse Waddeneilanden, al bestond Testerep al tussen ongeveer 5.500 v.Chr. en 500 n.Chr.
Vanaf de 3de eeuw begon vooral de zeewaartse kant weg te eroderen. In 1.500 jaar schoof de kustlijn daardoor ongeveer 3 kilometer landinwaarts, terwijl de gemiddelde zeespiegel in die periode met slechts 0,7 mm per jaar steeg.
“We moeten beseffen hoe kwetsbaar onze kust eigenlijk is.”
Soetkin Vervust, landschapsarcheoloog aan de Vrije Universiteit Brussel
De kustlijn wacht ook nu niet netjes af
De geschiedenis van Testerep is geen blauwdruk voor wat er vandaag gebeurt, maar wel een stevig waarschuwingsbord. Onderzoekers wijzen erop dat een kustlijn bij een snellere zeespiegelstijging niet vanzelf op dezelfde plek blijft liggen.
Dat raakt ook Nederland. Dijken, duinen en zandsuppleties houden de Noordzeekust op haar plek, en kennis van zandstromen, stormschade en oude kustlijnen speelt daarbij een rol. De historische reconstructie kan helpen om huidige dorpen en steden beter tegen toekomstige veranderingen te beschermen.
Goed om te weten
Er was ook een verdronken Westende op het voormalige eiland Wulpen, voor de kust van Zeeuws-Vlaanderen. Dat was een ander dorp dan Westende bij Middelkerke.
Over het onderzoek
Het Testerep-project liep van 1 oktober 2021 tot en met 30 september 2025. Landschapsarcheoloog Soetkin Vervust van de Vrije Universiteit Brussel coördineerde het onderzoek samen met een team van onderzoekers van VLIZ en KU Leuven; het FWO financierde het project.
Met moderne onderzoekstechnieken brachten de teams het verdwenen eiland voor het eerst volledig in kaart. Daarbij bleek ook dat de Stroombank een restant van Testerep is: een zandbank van ongeveer 20 km lang en 1 km breed, zo’n 2 km uit de kust van Oostende.
Die zandbank loopt van Westende tot Klemskerke en ontstond rond 700 n.Chr. op de resten van het verdronken, zeewaartse deel van Testerep.
