Volg Duurzaamnieuws op Google News | Discover | of als voorkeursbron op Google

De Wereld Meteorologische Organisatie verwacht dat El Niño tussen augustus en oktober 2026 uitgroeit tot een sterke episode, met een temperatuurafwijking van 2,9 graden. Dat kan droogte en overstromingen in kwetsbare regio's verder op scherp zetten.

warme oceaan

De oceaan warmt steeds sneller op. Foto: iStock – Henrik Tuvesson

Terwijl Europa opnieuw met extreme hitte en grillige regenval te maken krijgt, warmt ook de equatoriale Stille Oceaan snel op. Dat is het signaal van een sterker wordende El Niño, een klimaatpatroon dat weersystemen wereldwijd kan verschuiven. De combinatie met een positieve dipool in de Indische Oceaan, die nu gemiddeld 0,6 graden bedraagt, vergroot de kans op uitgesproken natte en droge seizoenen in kwetsbare gebieden. De Wereld Meteorologische Organisatie heeft daarom al meerdere briefings gehouden om hulporganisaties op tijd te laten reageren.

De omslag ging opvallend snel

Tussen februari en april 2026 had een verzwakte La Niña nog de overhand boven de evenaar in de Stille Oceaan. Daarna sloeg de oceaan in een paar maanden om naar neutrale omstandigheden, waarna het zeeoppervlak snel verder opwarmde.

De opbouw lijkt voorlopig door te zetten tot november. Klimaatmodellen liggen daarbij dicht bij elkaar, wat de Wereld Meteorologische Organisatie ziet als een teken dat de verwachting behoorlijk stevig staat.

De organisatie deelt de kracht van El Niño in van zwak tot zeer sterk. Deze episode valt in de categorie sterk, en komt boven op oceanen die wereldwijd al uitzonderlijk warm waren.

Goed om te weten
El Niño keert meestal eens per twee tot zeven jaar terug en duurt gemiddeld negen tot twaalf maanden. De piek ligt vaak tussen november en februari.

Regen schuift naar andere plekken

De gevolgen zijn nergens hetzelfde. De Hoorn van Afrika, Centraal-Azië en Zuid-Europa krijgen naar verwachting meer regen dan normaal, terwijl India, Zuid-Australië, Zuid-Centraal-Amerika en Noord-Europa juist een droger seizoen tegemoet kunnen gaan.

Extra regen vergroot in kwetsbare gebieden de kans op overstromingen en aardverschuivingen, terwijl aanhoudende droogte landbouw, drinkwatervoorziening en natuur onder druk zet.

  • In Oost-Afrika, Centraal-Azië en Zuid-Europa is bovengemiddelde neerslag waarschijnlijk.
  • India en Zuid-Australië behoren tot de gebieden met een grotere kans op droogte.
  • In grote delen van Afrika, Oost-Azië en het Arabisch Schiereiland worden hogere temperaturen verwacht.

Ook de tropische Atlantische Oceaan is warmer dan gebruikelijk. Samen met de afwijkingen in de Stille en Indische Oceaan kan dat de kans op extreme droogte en overstromingen verder opvoeren, vooral rond de tropen.

Europa krijgt geen vast weerrecept

Voor Nederland is El Niño geen directe knop waaraan het weer vastzit. Toch valt de voorspelde droogtetendens voor Noord-Europa wel op, zeker omdat Zuid-Europa tegelijk een natter patroon kan krijgen.

Zo’n verdeeld seizoen raakt ook de Europese voedselketen. Zware regen kan oogsten en transport in het zuiden verstoren, terwijl droogte elders gevolgen heeft voor gewassen en waterbeschikbaarheid. De precieze uitwerking verschilt sterk per maand en regio.

Warmer weer ligt op veel plekken voor de hand. Lokale luchtstromen, de toestand van de Atlantische Oceaan en toevallige weerpatronen kunnen een Europees seizoen alsnog een andere kant op duwen.

De zwaarste gevolgen kunnen pas in 2027 komen

De Wereld Meteorologische Organisatie heeft binnen het systeem van de Verenigde Naties al meerdere overleggen gehouden om humanitaire hulp beter voor te bereiden. Voor West-Afrika en de Sahel waren er sinds juni regionale regenverwachtingen beschikbaar.

Vroege waarschuwingen geven overheden en hulporganisaties tijd om water op te slaan, boeren te informeren en noodhulp klaar te zetten, iets wat van belang is als regen uitblijft of juist in korte tijd met bakken uit de lucht komt.

De weersgevolgen van El Niño lopen vaak achter op de opwarming van de oceaan. De meest uitgesproken effecten op het wereldklimaat verschijnen geregeld pas in het jaar na de piek, waardoor 2027 een cruciaal jaar wordt voor de regionale voorspellingen.