Het woord klimaatverandering werd tijdens een week van topoverleg tijdens het World Economic Forum in Davos niet één keer in de mond genomen. Dat stelt We Don’t Have Time, een Zweedse organisatie voor duurzaamheid en klimaat. Die organiseerde daarom zelf een presentatie, maar mocht dat niet binnen de muren van het event doen. Dus werd er vanaf een hoop sneeuw voor de deur gepresenteerd.
Sandrine Dixson-Declève, samen met Johan Rockström, Carlos Nobre en Paul Polman, stelde dat echte welvaart niet langer kan worden gebaseerd op fossiele groei, deregulering en toenemende ongelijkheid. Welvaart moet voortaan draaien om menselijk welzijn, ecologische stabiliteit en rechtvaardigheid.
De sprekers schetsten het moment als een historisch kantelpunt. In één mensenleven is de mensheid krachtig genoeg geworden om het aardsysteem zelf te ontwrichten. Klimaatverandering, verlies aan biodiversiteit, uitputting van zoetwater en aantasting van oceanen zijn geen abstracte risico’s meer, maar met elkaar verweven crises die de wereldeconomie jaarlijks biljoenen kosten. Dat geld, zo benadrukten zij, had ook kunnen worden ingezet om armoede te verminderen en samenlevingen weerbaarder te maken.
Twee toekomsten
Tegenover elkaar staan volgens hen twee mogelijke toekomsten. De eerste, aangeduid als “too little, too late”, volgt het huidige business as usual. Dit pad houdt vast aan een extractief, fossiel economisch model dat rijkdom concentreert aan de top, miljarden mensen achterlaat en de planeet richting onomkeerbare kantelpunten duwt. Het alternatief is de “Giant Leap”: een snelle omslag naar een economie die welvaart opnieuw definieert binnen de grenzen van de aarde.
Een kernpunt in dit alternatief is dat relatief bescheiden investeringen enorme opbrengsten kunnen opleveren. Volgens de sprekers kan het investeren van slechts 1 tot 2 procent van het mondiale bbp in klimaatmaatregelen en natuurherstel leiden tot economische en maatschappelijke baten die vele malen hoger liggen. Bescherming van ecosystemen en het stabiliseren van het klimaat zijn daarmee geen rem op welvaart, maar juist een voorwaarde voor duurzame economische zekerheid.
Johan Rockström benadrukte de wetenschappelijke urgentie. Menselijke activiteiten brengen het planetaire systeem gevaarlijk dicht bij kritieke drempels. Het risico op onomkeerbare kantelpunten, zoals het smelten van ijskappen, het instorten van koraalriffen en grootschalige achteruitgang van het Amazonewoud, neemt snel toe. Het overschrijden van 1,5 graad opwarming, waarschijnlijk binnen enkele jaren, zou deze risico’s sterk vergroten. Om dat te voorkomen is een snelle transformatie nodig van energie, voedsel, transport en industrie, te beginnen met een volledige uitfasering van fossiele brandstoffen en een overgang naar een klimaatneutrale economie binnen 25 jaar.
Paul Polman richtte zich op een hardnekkige mythe in het bedrijfsleven: dat natuurbescherming ten koste zou gaan van economische groei. In werkelijkheid, stelde hij, vormt de natuur het fundament van de economie. Schoon water, stabiele klimaatsystemen, gezonde bodems en veerkrachtige ecosystemen zijn essentieel voor landbouw, productie, logistiek, financiën en verzekeringen. Wanneer deze systemen falen, vertaalt dat zich in hogere prijzen, verstoorde toeleveringsketens, verloren banen en sociale onrust. Voor bedrijven is wegkijken dan ook geen veilige strategie; leiderschap betekent het versterken van de basis van welvaart, niet het uitputten ervan.
Crisis in rechtvaardigheid
Carlos Nobre onderstreepte dat de planetaire crisis ook een rechtvaardigheidscrisis is. Juist de mensen en gemeenschappen die het minst hebben bijgedragen aan milieuschade, worden het zwaarst getroffen door misoogsten, extreme hitte, verdrijving en toenemende armoede. Een nieuw welvaartsmodel moet daarom verder gaan dan het herverdelen van rijkdom. Het moet ook macht herverdelen, zodat gemarginaliseerde groepen daadwerkelijk mee kunnen beslissen over voedsel, land, water en hulpbronnen.
Tot slot riepen de sprekers op tot een fundamentele herziening van internationale samenwerking. De levensondersteunende systemen van de aarde houden geen rekening met landsgrenzen, markten of verouderde ideeën over soevereiniteit. Mondiaal bestuur moet meegroeien met deze realiteit en gericht zijn op het beschermen van een onderling verbonden planeet en het waarborgen van een veilige en rechtvaardige leefruimte voor iedereen.
De boodschap uit Davos was helder. Het verder uitbreiden van fossiele energie is een doodlopende weg. Een stabiele planeet is niet alleen noodzakelijk om te overleven, maar vormt ook de basis voor duurzame vrede, veiligheid en gedeelde welvaart. De keuze tussen verval en vernieuwing is er nog, zo concludeerden de sprekers, maar het tijdsvenster om te handelen sluit snel.
Blijf op de hoogte met de nieuwsbrief. Meld je hier aan.
( Je kunt ons ook steunen door lid te worden of te doneren )
